Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
[derde belanghebbende]uit [woonplaats 2].
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser een verzoek om voorlopige voorziening ingediend tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Wierden om een omgevingsvergunning te verlenen voor de bouw van een opslaghal met kantoorruimte. Het verzoek was gericht op het voorkomen van een tekort aan parkeerplaatsen bij de uitvoering van de vergunning.
Het college heeft vervolgens een wijzigingsbesluit genomen waarbij het aantal parkeerplaatsen werd aangepast, waarmee het college aan de bezwaren van eiser tegemoet is gekomen. Hierdoor heeft eiser zijn verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om proceskostenvergoeding van eiser beoordeeld en geoordeeld dat het college veroordeeld moet worden tot vergoeding van de proceskosten, bestaande uit een bedrag van € 934,- voor de proceshandeling en € 200,- griffierecht. De overige kosten van eiser komen niet voor vergoeding in aanmerking.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en er staat geen hoger beroep of verzet open. De voorzieningenrechter motiveert de veroordeling op basis van de toepasselijke artikelen uit de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 934,- en griffierecht van € 200,- na intrekking van het verzoek om voorlopige voorziening.