Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Inleiding
2.De tenlastelegging
afgiftevan enig goed.
ik ga schieten, ik ga schieten”.Daarna sloeg hij met het wapen op de linkerhand van [slachtoffer 1]. Zij liet [medeverdachte] los en hij rende weg. [2]
afgevenvan goederen, maar van het
wegnemenvan goederen, gevolgd van geweld en bedreiging met geweld. Dit zou kunnen worden gekwalificeerd als diefstal met geweld, maar dat is niet ten laste gelegd.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot vuurwapen van categorie III
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelden
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot vuurwapen van categorie III
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
150 uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
75 dagen;
54 uren (te vervangen door 27 dagen hechtenis bij niet naar behoren verricht bij tenuitvoerlegging)
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
maximaal 7 weken. Indien de voor indicatie verantwoordelijke instantie een kortdurende klinische opname indiceert, nadat dit door de rechter is bevolen, laat verdachte zich opnemen in een zorginstelling te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. Verdachte zal zich dan houden aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling;
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat de verdachte: