Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
2.De feiten
3.Het geschil
- i) [partij B] aan [partij A] gereedschappen ter beschikking heeft gesteld ter uitvoering van de door [partij B] aan [partij A] opgedragen werkzaamheden bij [naam 1];
- ii) [partij A] deze gereedschappen niet heeft teruggegeven aan [partij B];
- iii) de gereedschappen een verhuurwaarde van € 400,- per week vertegenwoordigen;
- iv) [partij B] tot en met mei 2025 vermogensschade heeft geleden van € 22.748,00 en zij onder de noemer van ‘verhuur gereedschap’ drie facturen tot dat totaalbedrag aan [partij A] heeft gezonden;
- v) [partij A] die vermogensschade aan [partij B] moet vergoeden.
4.De beoordeling
- i) bovenvermelde facturen (die een tarief van € 375,00 per dag vermelden),
- ii) aangenomen moet worden dat deze facturen gelet op de met de partner van [naam 3] gevoerde conversatie en gelet op de e-mail van 28 januari 2025 van [naam 3] aan de gemachtigde van [partij A] al bekend waren bij [partij B];
- iii) de omstandigheid dat [partij B] nog geen begin van een verklaring heeft gegeven om welke reden [partij A] , nadat [partij B] een klus heeft aangeboden met als tarief € 375,00 per dag, [partij A] vervolgens zou hebben ingestemd met een tarief dat daar aanzienlijk onder ligt;
- i) de gereedschappen genoemd onder 2.4 aan [partij A] ter beschikking zijn gesteld;
- ii) [partij A] deze niet kan teruggeven.
Bij deze stand van zaken ziet de kantonrechter aanleiding zal aan [partij B] worden toegelaten tot bewijs van het onder (i) en (ii) vermelde.
5.De beslissing
- i) de gereedschappen genoemd onder 2.4 aan [partij A] ter beschikking zijn gesteld;
- ii) [partij A] deze niet meer kan terug geven.
dinsdag 16 juni 2026voor uitlating door [partij B] of zij bewijs wil leveren door het overleggen van bewijsstukken, door het horen van getuigen en/of door een ander bewijsmiddel,
bewijsstukkenwil overleggen, zij die stukken dan direct in het geding moet brengen,
getuigenwil laten horen, zij de getuigen en de verhinderdagen van de partijen en hun gemachtigden in de maanden
augustus 2026tot en met
november 2026dan direct moet opgeven, waarna dag en uur van het getuigenverhoor zullen worden bepaald,
alle partijenuiterlijk twee weken voor het eerste getuigenverhoor
alle beschikbare bewijsstukkenaan de kantonrechter en de wederpartij moeten toesturen,
juni 2026.