Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2026:3354

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
16 juni 2026
Publicatiedatum
16 juni 2026
Zaaknummer
348260 FTRK 147/26
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848Art. 6 FaillissementswetArt. 6:127 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing faillissementsverzoek tegen moedermaatschappij wegens betalingsonmacht

De curator van Kopare Development B.V., een 100% dochter van LeiONT Groep B.V., verzocht de rechtbank LeiONT failliet te verklaren wegens betalingsonmacht. De curator baseerde zijn verzoek op een aanzienlijke rekening-courantvordering die LeiONT aan Kopare verschuldigd zou zijn. LeiONT voerde verweer met een beroep op een clearingsovereenkomst tussen haar en haar dochters, waardoor zij meende de vordering te kunnen verrekenen en zelfs een vordering op Kopare te hebben.

De rechtbank oordeelde dat verrekening slechts mogelijk is tussen partijen die wederzijds schuldeiser en schuldenaar zijn, wat hier niet het geval is. De vorderingen van LeiONT op andere dochters kunnen niet worden verrekend met de vordering van Kopare op LeiONT. Daarnaast is LeiONT niet in staat gebleken aan haar verplichtingen te voldoen, wat blijkt uit onbetaalde vorderingen en een aangekondigde executieveiling.

LeiONT stelde dat zij een tijdelijk liquiditeitsprobleem heeft door niet geleverde verkochte percelen, maar dit weerhoudt de rechtbank niet van het oordeel dat zij is opgehouden te betalen. Het verzoek tot faillietverklaring werd daarom toegewezen en de curator van Kopare werd benoemd tot curator van LeiONT. Het verzoek om een andere curator aan te stellen werd afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing.

Uitkomst: LeiONT Groep B.V. wordt failliet verklaard wegens betalingsonmacht en de curator van Kopare wordt benoemd tot curator van LeiONT.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Toezicht - Faillissementen
zittingsplaats Zwolle
zaaknummer 348260 FTRK 147/26
faillissementsnummer C/08/26/142
uitspraakdatum 16 juni 2026

Vonnis tot faillietverklaring

Rechtbank Overijssel, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken.
Gezien een verzoekschrift van:
mr. Theo Jan Hendrik Zwiers¸ handelend in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
Kopare Development B.V., thans genaamd NDLS Ontwikkeling B.V.,
advocaat mr. A.C. Blankestijn, advocaat te Hengelo (O),
hierna te noemen “de curator”
strekkende tot faillietverklaring van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
LeiONT Groep B.V., voorheen geheten [bedrijf 1] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
hierna te noemen “LeiONT”.

Het procesverloop

Door mr. Blankestijn is op 29 mei 2026 namens de curator een verzoekschrift ingediend strekkende tot faillietverklaring van LeiOnt.
Het verzoekschrift is op 9 juni 2026 behandeld in de raadkamer van deze rechtbank, alwaar zijn verschenen:
  • de curator, bijgestaan door mr. Blankestijn,
  • LeiONT bij haar bestuurder de heer [naam] (hierna: [naam] ).
Van deze mondelinge behandeling zijn door de griffier aantekeningen gemaakt.

De feiten

Kopare Development B.V., thans genaamd NDLS Ontwikkeling B.V., (hierna “Kopare”) is bij vonnis van 3 februari 2026 in staat van faillissement verklaard met aanstelling van de curator tot curator. Kopare is een 100% dochter van LeiONT.

De standpunten van partijen

Het standpunt van de curatorKopare heeft een vordering op LeiONT uit hoofde van de rekening-courant verhouding tussen hen. Uit de meest recente informatie die [naam] aan de curator heeft aangeleverd blijkt dat deze vordering tenminste € 266.049 bedraagt. Uit de laatst gedeponeerde jaarrekening over 2022 volgt dat deze vordering zelfs € 1.473.670 bedraagt.
Naast de vordering van de curator laat LeiONT ook andere vorderingen onbetaald. [naam] heeft tegenover de curator verklaard dat [bedrijf 2], de voormalig accountant van LeiONT, een vordering op LeiONT heeft van € 23.000. Tevens heeft de hypotheekhouder van het onroerend goed van LeiONT een executieveiling aangekondigd. LeiONT verkeert dan ook in de toestand te hebben opgehouden te betalen en om die reden verzoekt de curator de rechtbank om LeiONT in staat van faillissement te verklaren.
Het standpunt van LeiONTLeiONT voert verweer tegen de verzochte faillietverklaring en voert daartoe het volgende aan. De curator heeft bij brief van 12 mei 2026 LeiONT gesommeerd om een bedrag van
€ 270.391 te betalen terzake de rekening-courantvordering. In diezelfde brief is tevens gesommeerd om bewijsstukken aan te leveren. Wegens familieomstandigheden van [naam] heeft LeiONT niet eerder dan 20 mei 2026 van bedoelde brief van de curator kennis kunnen nemen. Eveneens op 20 mei 2026 heeft LeiONT verzocht om nadere rechtsmaatregelen aan te houden. Doordat de curator het faillissementsverzoek toch heeft doorgezet is LeiONT het recht om inhoudelijk te reageren en/of de vordering te betwisten, ontnomen.
Daarnaast stelt LeiONT zich op het standpunt dat zij op basis van een tussen enerzijds haar en anderzijds Kopare en de andere dochters gesloten clearingsovereenkomst onderlinge vorderingen mag verrekenen. Wanneer wordt verrekend is er geen schuld meer van LeiONT op Kopare, maar heeft Kopare een schuld aan LeiONT van € 52.543. Dat leidt ertoe dat het verzoek van de curator moet worden afgewezen.
Daarnaast is nog aangevoerd dat LeiONT niet verkeert in de toestand dat zij heeft opgehouden te betalen. Zij heeft een tijdelijk liquiditeitsprobleem doordat door haar verkochte percelen nog niet zijn geleverd. De oorzaak daarvan ligt buiten de schuld van LeiONT, namelijk bij de koper van de betreffende percelen. Over deze kwestie loopt op dit moment een bodemprocedure.
Wanneer de rechtbank toch tot het oordeel komt LeiONT in staat van faillissement te verklaren, verzoekt LeiONT om niet de curator van Kopare als zodanig aan te stellen, maar een ander. Dit vanwege het beperkte vertrouwen van LeiONT cq. [naam] in de curator.

De beoordeling

De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening Pro (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van verweerster in Nederland ligt.
Ingevolge artikel 6 van Pro de Faillissementswet wordt de faillietverklaring uitgesproken, indien summierlijk blijkt van het bestaan van feiten en omstandigheden die aantonen dat de schuldenaar in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen en, als een schuldeiser het verzoek doet, ook van het vorderingsrecht van deze. Van de hiervoor bedoelde feiten en omstandigheden blijkt in het algemeen, indien sprake is van pluraliteit van schuldeisers, terwijl ten minste één vordering opeisbaar is.
De rechtbank komt tot het oordeel dat summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van de curator en tevens van het bestaan van feiten en omstandigheden dat LeiONT verkeert in de toestand dat zij heeft opgehouden te betalen. Het volgende wordt daartoe overwogen.
Door LeiONT is niet weersproken dat de curator een vordering op haar heeft. LeiONT heeft enkel gesteld dat zij, als gevolg van de clearingsovereenkomst, deze vordering kan verrekenen met vorderingen die de zusters van Kopare op haar hebben en als gevolg van die verrekening de vordering van de curator teniet gaat en er zelfs een vordering op Kopare resteert. De rechtbank passeert dat verweer, vanwege het volgende.
Voor verrekening gelden de bepalingen die zijn opgenomen in art. 6:127 BW Pro. Uit dat artikel volgt dat uitsluitend dezelfde partijen die over en weer elkaars schuldenaar en schuldeiser zijn hun vorderingen over en weer kunnen verrekenen. Dat betekent dat uitsluitend wanneer A een vordering heeft op B en B een vordering heeft op A, A en B bevoegd zijn om hun vorderingen te verrekenen. Alsdan gaan de vorderingen tot hun gezamenlijke beloop teniet. Die situatie doet zich hier echter niet voor. Hier heeft A (de curator) een vordering op B (LeiONT) waar B tegenoverstelt dat er ook nog vorderingen van B op C, D, E, F en G zijn en wanneer die vorderingen worden verrekend, er een vordering van B op A resteert. Op een dergelijke wijze kan echter niet worden verrekend. Gesteld noch gebleken is dat er sprake is van cessie of kwijtschelding en de vordering van de curator/Kopare op die wijze teniet zou zijn gegaan. Dat leidt tot de conclusie dat summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van de curator op LeiONT. Ook het verweer dat LeiONT in de mogelijkheden om de vorderingen en/of standpunten te betwisten is geschaad, passeert de rechtbank. LeiONT heeft immers de gelegenheid gehad om zich voor te bereiden op de behandeling van 9 juni 2026 en is aldaar ook met een onderbouwd verweer verschenen.
Tevens is komen vast te staan dat LeiONT verkeert in de toestand dat zij is opgehouden te betalen. De vordering van [bedrijf 2] is door LeiONT niet betwist. Dat LeiONT stelt dat zij weer aan haar verplichtingen kan voldoen wanneer de tijdelijke liquiditeitsproblemen zijn opgelost, kan haar in dat verband niet baten. Immers volgt ook daaruit dat zij kennelijk nu niet aan de op haar rustende verplichtingen kan voldoen.
Het voorgaande leidt er dan ook toe dat de rechtbank het verzoek tot faillietverklaring zal toewijzen. Daarbij zal zij mr. Zwiers tot curator aanstellen. Door (de bestuurder van) LeiONT is aangevoerd dat hij weinig vertrouwen heeft in deze curator, echter is die stelling op geen enkele wijze onderbouwd. Bovendien is het vertrouwen van een bestuurder niet doorslaggevend bij de vraag wie er als curator moet worden aangesteld. Daar komt nog bij dat de curator onder toezicht van de rechter-commissaris de afhandeling van het faillissement ter hand neemt en daarnaast de faillissementswet in mogelijkheden voorziet om tegen vermeende fouten of nalatigheid van de curator op te komen.

De beslissing

De rechtbank:
- verklaart de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
LeiONT Groep B.V., voorheen geheten [bedrijf 1] B.V.,
ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer 08221001, gevestigd te [vestigingsplaats] , in staat van faillissement;
- benoemt tot rechter-commissaris het lid van deze rechtbank mr. A.E. Zweers en stelt aan tot curator mr. T.J.H. Zwiers, advocaat te Hardenberg;
- geeft last aan de curator tot het openen van aan de gefailleerde gerichte brieven.
Gewezen en uitgesproken te Almelo ter openbare terechtzitting van 16 juni 2026 te
10:00 uur door mr. S.J.S. Groeneveld-Koekkoek, lid van voormelde enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van A.B. Knook, griffier.