Uitspraak
HET STEDELIJK LYCEUM ENSCHEDE,
1.De zaak in het kort
2.De procedure
3.De feiten
(…) Onlangs hebben wij echter vernomen dat u van 25 augustus 2025 tot en met 31 januari 2026 bij het [instelling] te [plaats 2] stage heeft gelopen en daarbij lessen heeft verzorgd. U heeft ons noch de bedrijfsarts hierover geïnformeerd, terwijl wij u hier meerdere keren over hebben bevraagd. Dit staat dus haaks op de informatie die u eerder heeft verstrekt aan de bedrijfsarts. Met de verrichte werkzaamheden in het [instelling] staat vast dat u wel degelijk in staat bent tot het verrichten van (uw eigen) werkzaamheden bij het Stedelijk. U was verplicht ons te informeren over deze activiteiten en u heeft de bedrijfsarts onjuiste informatie verstrekt.
) stelt dat de in de brief genoemde stageperiode (…) niet correct is en dat de stage van kortere duur is geweest (…). Zij geeft aan dat ze meerdere malen haar stage heeft gemeld aan de bedrijfsarts, de verpleegkundige en aan [teamleider] (teamleider) en mevrouw [HR-adviseur] .
Dit betekent dat uw dienstverband op en ingaande 5 maart 2026 met onmiddellijke ingang is geëindigd op grond van een dringende reden, te weten het
- tijdens ziekte werkzaamheden bent gaan verrichten in het kader van uw stage, terwijl u naar eigen zeggen dan wel volgens de bedrijfsarts in deze periode niet in staat zou zijn om arbeid te verrichten;
- u uw werkgever niet heeft geïnformeerd over uw stage activiteiten tijdens ziekte;
- u de bedrijfsarts dan wel de verpleegkundige van de arbodienst niet heeft geconsulteerd over uw stage activiteiten tijdens ziekte;
- u na zijn geconfronteerd met het bovenstaande tijdens het gesprek op 2 maart 2026 heeft gelogen over het informeren van uw werkgever;
- u na te zijn geconfronteerd met het bovenstaande tijdens het gesprek op 2 maart 2026 heeft gelogen over het consulteren van de arbodienst.”
4.Het verzoek en het verweer
5.De beoordeling
voortzettenvan de stage na de ziekmelding bij [teamleider] en [HR-adviseur] dan bevreemdt het dat [verzoekster] hiermee niet is geconfronteerd door [HR-adviseur] aangezien zij ook deelnam aan het gesprek op 2 maart 2026.