ECLI:NL:RBOVE:2026:3752

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
2 juli 2026
Publicatiedatum
2 juli 2026
Zaaknummer
ZWO 25/3908
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Wsg
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling rechtmatigheid uitkering Schadefonds Geweldsmisdrijven op grond van letselcategorie 1

De rechtbank Overijssel heeft op 1 juli 2026 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen een besluit van de commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven (CSG). Het geschil betrof de rechtmatigheid van de toegekende uitkering op grond van letselcategorie 1 volgens de beleidsbundel en de Letsellijst Schadefonds Geweldsmisdrijven 2024.

Eiser had als gevolg van een mishandeling een gebroken neus die zonder operatieve ingreep was hersteld en onderging daarnaast drie EMDR-behandelingen voor psychisch letsel. De CSG had op basis van deze feiten een uitkering toegekend die correspondeert met letselcategorie 1, een categorie die een vaste uitkeringssom van €1.000,00 kent.

De rechtbank oordeelde dat de CSG binnen haar beleidsruimte en op goede gronden tot het besluit was gekomen. De samenloop van fysieke en psychische letsels werd correct beoordeeld volgens de beleidsbundel en de letsellijst. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard. De uitspraak werd in het openbaar gedaan en partijen werden geïnformeerd over de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Uitkomst: Het beroep tegen de toekenning van de uitkering op grond van letselcategorie 1 wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL
Zittingsplaats Zwolle
Bestuursrecht
zaaknummer: ZWO 25/3908
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 juli 2026 in de zaak tussen

[eiser], uit [woonplaats], eiser

en

de commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven, de CSG,

(gemachtigde: mr. L.A. Neuman).
Zitting hebben: mr. F. Koster, rechter, in aanwezigheid van mr. E.G.M. ten Kate, griffier.
Verschenen zijn:
  • Eiser: [eiser],
  • namens de CSG: de gemachtigde.
Alle in dit proces-verbaal opgenomen verklaringen zijn zakelijk weergegeven.
De rechter opent het onderzoek ter zitting.
Mede naar aanleiding van vragen van de rechter lichten partijen hun standpunten toe.
Na sluiting van het onderzoek doet de rechter onmiddellijk uitspraak.

Beslissing

Het beroep is ongegrond

Motivering van de beslissing

1. De rechtbank beoordeelt de rechtmatigheid van het bestreden besluit.
Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.
2. De CSG heeft bij het nemen van beslissingen op verzoeken om een uitkering als bedoeld in artikel 3 van Pro de Wsg beslissingsruimte en heeft daaraan invulling gegeven in de Beleidsbundel Schadefonds Geweldsmisdrijven, versie 2024 (hierna: de beleidsbundel).
Uit onderdeel E4 van de beleidsbundel blijkt dat indien sprake is van samenloop van diverse letsels, de hoogte van de uitkering wordt bepaald op basis van de letselcategorie die bij het meest ernstige letsel pas.
In de Letsellijst Schadefonds Geweldsmisdrijven 1 juli 2024 (hierna: de letsellijst) staat op pagina 1 dat het schadefonds zes letselcategorieën gebruikt waaraan vaste bedragen zijn gekoppeld.
In de letsellijst staat bij psychisch letsel bij letselcategorie 1 omschreven: “Diagnose door een hulpverlener die bevoegd en bekwaam is om een diagnose te stellen ten aanzien van psychisch letsel, en eventueel een behandeling van maximaal 6 sessies.”.
In de letsellijst staat in de lijst met fysieke letsels dat een “
Fractuur van de neus (al dan niet gerepositioneerd onder lokale verdoving) eveneens valt in letselcategorie 1.
[eiser] heeft ter zitting erkend dat hij tot nu toe 3 EMDR behandelingen heeft gehad.
Verder had hij als gevolg van de mishandeling een gebroken neus, die zonder operatieve ingreep is hersteld.
Gelet hierop heeft het CSG [eiser] terecht een uitkering toegekend op grond van letselcategorie 1. Volgens pagina 1 van de letsellijst hoort bij letselcategorie 1 een uitkering van € 1.000,00.
Het CSG is dus terecht en op goede gronden tot haar besluit gekomen.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 1 juli 2026 door mr. F. Koster, rechter, in aanwezigheid van mr. E.G.M ten Kate, griffier.
griffier
rechter
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.