ECLI:NL:RBOVE:2026:398

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
29 januari 2026
Publicatiedatum
30 januari 2026
Zaaknummer
08-009550-21
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging van de PIJ-maatregel voor een jeugdige dader met complexe problematiek

Op 29 januari 2026 heeft de Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, uitspraak gedaan in een zaak betreffende de verlenging van de PIJ-maatregel voor een jeugdige dader, hierna te noemen [betrokkene]. De PIJ-maatregel, die oorspronkelijk was opgelegd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 20 juli 2022, is ingegaan op 4 augustus 2022 en was eerder verlengd op 8 augustus 2024. De rechtbank heeft de vordering van het Openbaar Ministerie tot verlenging van de PIJ-maatregel met negen maanden toegewezen, na een openbare zitting op 15 januari 2026 waarin de officier van justitie de vordering wijzigde van zes naar negen maanden. [betrokkene] en zijn raadsman hebben zich niet verzet tegen deze verlenging.

De rechtbank heeft in haar beoordeling gekeken naar het verlengingsadvies van JJI Lelystad, waarin de ontwikkeling van [betrokkene] en zijn behandelingsverloop zijn beschreven. [betrokkene] is een zwakbegaafde jongen met verschillende gedragsstoornissen, maar heeft positieve ontwikkelingen laten zien tijdens zijn verblijf in de inrichting. Hij heeft gewerkt aan zijn behandeldoelen en is gemotiveerd om zijn toekomst op te bouwen. De deskundigen ter zitting hebben bevestigd dat de verlenging van de PIJ-maatregel noodzakelijk is voor de verdere ontwikkeling van [betrokkene] en om het recidiverisico te verlagen.

De rechtbank heeft geconcludeerd dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen de verlenging van de PIJ-maatregel eist. De rechtbank heeft de PIJ-maatregel met negen maanden verlengd, zodat [betrokkene] de kans krijgt om zijn vaardigheden verder op te bouwen en te werken aan zijn resocialisatie.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team Familie en Jeugd
Zittingsplaats Almelo
Parketnummer : 08-009550-21
Datum : 29 januari 2026
Beslissing op de vordering van het Openbaar Ministerie tot verlenging van de termijn van de plaatsing in een inrichting voor jeugdigen van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 2005 in [geboorteplaats],
nu verblijvende in JJI [locatie],
hierna te noemen: [betrokkene].

1.De aanleiding

De maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (hierna: PIJ-maatregel) is bij arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 20 juli 2022, naast twaalf maanden jeugddetentie, opgelegd, na bewezenverklaring van de misdrijven:
  • medeplegen van doodslag, en
  • medeplegen van het wegvoeren en verbergen van een lijk met het oogmerk om het feit en de oorzaak van het overlijden te verhelen.
De PIJ-maatregel is ingegaan op 4 augustus 2022 en verlengd op 8 augustus 2024.
De PIJ-maatregel eindigt, als zij niet wordt verlengd, op 25 januari 2026.

2.De stukken

De rechtbank heeft kennis genomen van de overgelegde stukken, te weten:
- het PIJ-verlengingsadvies van JJI Lelystad van 25 november 2025, opgesteld door
[naam 1], gedragswetenschapper, en mede ondertekend door [naam 2], directeur zorg en behandeling;
  • het negende perspectiefplan van 12 september 2024, bevattende aantekeningen over de periode van 9 april 2024 tot 7 augustus 2024;
  • het tiende perspectiefplan van 14 maart 2025, bevattende aantekeningen over de periode 7 augustus 2024 tot 7 januari 2025;
  • het elfde perspectiefplan van 20 juni 2025, bevattende aantekeningen over de periode 7 januari 2025 tot 7 mei 2025;
  • het twaalfde perspectiefplan van 18 november 2025, bevattende aantekeningen over de periode 7 mei 2025 tot 17 september 2025.

3.De procedure

Het Openbaar Ministerie heeft op 17 december 2025 een vordering ingediend tot verlenging van de PIJ-maatregel met zes maanden.
De openbare zitting is gehouden op 15 januari 2026.
De rechtbank heeft op de zitting gehoord:
  • [betrokkene], bijgestaan door zijn raadsman mr. R. Oude Breuil, advocaat in Enschede;
  • de officier van justitie;
  • de deskundigen [naam 1], behandelcoördinator en gedragswetenschapper in de JJI [locatie], en [naam 3], reclasseringswerker bij de Reclassering Nederland.
De officier van justitie heeft op de zitting mondeling de vordering gewijzigd in die zin dat hij verlenging van de PIJ-maatregel met negen maanden heeft gevorderd.
[betrokkene] en zijn raadsman hebben zich niet verzet tegen verlenging van de PIJ-maatregel met negen maanden.

4.De beoordeling

De vordering is op tijd ingediend, namelijk op 17 december 2025.
De rechtbank moet op grond van artikel 6:6:31 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) bepalen of de termijn van de PIJ-maatregel moet worden verlengd.
De rechtbank neemt bij haar overwegingen de inhoud van het verlengingsadvies van
25 november 2025 en de daarop door de deskundige ter zitting gegeven toelichting mee.
Het verlengingsadvies
Het verlengingsadvies houdt, zakelijk weergegeven, onder meer het volgende in.
- diagnostiek
[betrokkene] is een zwakbegaafde jongen met een stoornis in de spraakvloeiendheid ontstaan in de kindertijd (ontwikkelingsstoornis), aandachtsdeficiëntie-/hyperactiviteitsstoornis (gecombineerd beeld), normoverschrijdende gedragsstoornis (begin in adolescentie) en een stoornis in cannabis gebruik (in een gereguleerde omgeving licht van ernst). Daarnaast is er sprake van een bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling met antisociale, borderline en narcistische kenmerken.
- behandelverloop
Gedurende het verblijf van [betrokkene] op de LVB-langverblijf groep Kuala Lumpur zijn op basis van de Pro-Justitia rapportage, de uitgevoerde delictanalyse en ervaringen binnen de JJI verschillende interventies zoals Beeldende Therapie, Leren van delict fase 1 interventie, Agressieregulatie op maat intramuraal, Logopedie, Dutch Cell Dogs, Psychomotore Therapie en Multidimensionele Familie Therapie ingezet om te werken aan de gestelde behandeldoelen. Sinds de verlenging hebben verschillende positieve ontwikkelingen plaatsgevonden. Op de groep laat [betrokkene] een positief beeld zien. Hij stelt zich begeleidbaar op en houdt zich aan het dagprogramma. Hij is gemotiveerd voor behandeling en toont probleembesef. De emotie- en agressieregulatie van [betrokkene] is aanzienlijk verbeterd sinds de start van de PIJ-maatregel. In de afgelopen periode zijn er drie incidenten geregistreerd bij [betrokkene] waarvoor hij, om uiteenlopende redenen, niet gesanctioneerd is. [betrokkene] heeft de positieve ontwikkeling, waarbij hij steeds minder bij incidenten betrokken raakte, daarmee voortgezet. Het lukt hem om zich op zijn eigen traject te focussen en zijn grenzen aan te geven. [betrokkene] is gemotiveerd om zijn toekomst buiten voort te zetten en de positieve gedragsveranderingen vast te houden en te versterken. Sinds januari 2025 heeft [betrokkene] met semi-begeleide verloven toegewerkt naar een volledig onbegeleide verlofstatus. [betrokkene] gaat meerdere dagen per week op onbegeleid verlof. Zowel de semi-begeleide als onbegeleide verloven zijn positief en zonder bijzonderheden verlopen. Tijdens zijn verloven werkt [betrokkene] aan verschillende resocialisatiedoelen. Zo werkt hij aan het versterken van zijn familiebanden, heeft hij zijn rijbewijs behaald, beoefent hij zijn geloof, heeft hij een betaalde baan en gaat hij naar de sportschool.
- recidiverisico
Binnen de huidige kaders van de JJI wordt het recidiverisico ingeschat op laag-matig. Als de huidige kaders vanuit de JJI wegvallen, wordt het recidiverisico ingeschat op matig-hoog. [betrokkene] is gebaat bij externe sturing en duidelijke kaders, passend bij zijn LVB-problematiek. Het is van belang dat [betrokkene] in de komende periode zijn vaardigheden verder zal opbouwen buiten de structuur van de JJI en dat er een uitstroom met passend risicomanagement
wordt gerealiseerd.
- prognose en advies
Bij goed verloop van de behandeling wordt verwacht dat [betrokkene] op zijn vroegst in juli 2026 in aanmerking komt voor een voorwaardelijke beëindiging van de PIJ-maatregel. Bij gunstig verloop zal het Scholings- en Trainingsprogramma (verder: STP) in november 2025 aangevraagd worden en in januari 2026 starten. In de komende periode zal [betrokkene], onder andere door middel van onbegeleide verloven, verder gaan met het werken aan zijn behandeldoelen, zoals het versterken van sociale vaardigheden, het versterken van zijn mentaliserend vermogen, het toepassen van gezonde copingstijlen, het versterken van familiebanden en zijn emotieregulatie. Daarnaast is het van belang dat de beschermende factoren verder worden uitgebouwd. Er zal een STP-plan opgesteld moeten worden (en bijbehorende voorwaarden). Men koerst op een woonplek met 24 uurs begeleiding voor [betrokkene] die hem de juiste pedagogische aanpak kan bieden.
Op basis van de afgelopen periode zijn de kaders van de PIJ-maatregel ook de komende periode nog noodzakelijk voor het verder verminderen van het aanwezige recidiverisico en het versterken van de beschermende factoren. De maatregel wordt in het belang van de ontwikkeling van [betrokkene] noodzakelijk geacht, zodat hij zich verder in kleine stappen kan ontwikkelen in een omgeving die aansluit op zijn begeleidingsbehoefte. Daarnaast is het van belang dat er wordt toegewerkt naar een passende uitstroom door een STP met een passend risicomanagement. Geadviseerd wordt de PIJ-maatregel met 6 maanden te verlengen.
De toelichting van de deskundige ter zitting
Ter zitting heeft de deskundige Van der Spek een nadere toelichting op het rapport gegeven en het advies gehandhaafd. De deskundige heeft aanvullend verklaard, zakelijk weergegeven, dat de aanvraag voor het STP naar de Dienst Individuele Zaken (DIZ) wordt gestuurd. De termijn waarbinnen door DIZ op de aanvraag wordt beslist varieert van 4 weken tot 3 maanden aangezien het een mediagevoelige zaak is. In het geval dat het 3 maanden zou duren voordat door DIZ wordt beslist dan zou een periode van 3 maanden voor het STP (te) kort zijn. Het is gebruikelijk dat het STP tussen de 5 en 6 maanden duurt. De eerste periode verloopt vaak goed, maar daarna komen de meeste uitdagingen. Zodra het STP van start gaat, kan [betrokkene] direct instromen bij de begeleid wonen voorziening. De betreffende plek wordt voor hem vrij gehouden. Ten aanzien van het indexdelict vinden er nog gesprekken plaats met [betrokkene]. Er wordt met hem gesproken over toekomstige en nieuwe situaties met andere personen en hoe hij in zo’n geval omgaat met spanning als gesprekken daarover gevoelig worden. Perspectief Herstelbemiddeling is op dit moment niet actueel vanuit de nabestaanden. Het huidige kader is nog nodig om toe te werken naar het STP en begeleid wonen. [betrokkene] heeft in de afgelopen verlengingsperiode positieve veranderingen laten zien en functioneert al langere tijd stabiel. Als de huidige kaders vanuit de JJI wegvallen wordt het recidiverisico nu ingeschat op matig.
Ter zitting heeft de deskundige Brugman verklaard, zakelijk weergegeven, dat zij vanuit de reclassering inmiddels betrokken is bij [betrokkene]. Er wordt gewerkt aan een werkalliantie en [betrokkene] zal op korte termijn bij de reclassering op kantoor langskomen voor een kennismaking in het kader van de voorbereiding op het STP en de daarop volgende samenwerking met de reclassering.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is op basis van het verlengingsadvies en de door de deskundige op zitting gegeven toelichting van oordeel dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen, de verlenging van de PIJ-maatregel eist, alsmede dat verlenging in het belang van een zo gunstig mogelijke ontwikkeling van [betrokkene] moet worden geacht. De rechtbank neemt hierbij tevens in aanmerking dat de maatregel is opgelegd voor misdrijven die zijn gericht tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.
De rechtbank stelt vast dat [betrokkene] gedurende het traject hard heeft gewerkt aan zijn ontwikkeling en een positieve gedragsverandering heeft laten zien. [betrokkene] functioneert al langere tijd stabiel en in de afgelopen periode heeft hij door behandeling en inzet het nodige bereikt. [betrokkene] is gemotiveerd om zijn leven op de rails te krijgen en te houden. Er is een goed contact met het behandelteam en [betrokkene] staat open voor hulp en begeleiding. Hij gaat goed met zijn vrijheden om. Het functioneren van [betrokkene] wijst op veerkracht en een gezonde copingstijl, waarbij hij gericht is op zijn traject en de toekomst. De rechtbank acht het van groot belang dat [betrokkene] de stijgende lijn doorzet en in samenwerking blijft met het behandelteam. [betrokkene] zal op korte termijn beginnen aan de laatste fase van de PIJ-maatregel waarin een resocialisatie terug in de maatschappij wenselijk is. Het is van belang dat [betrokkene] zijn vaardigheden verder zal opbouwen buiten de structuur van de JJI en dat er een uitstroom met passend risicomanagement wordt gerealiseerd. De komende periode staat onder meer in het teken van het toewerken naar het STP en begeleid wonen. De aanvraag voor het STP is recent naar DIZ gestuurd en het kan 4 weken tot 3 maanden duren voordat een beslissing wordt genomen. In de tussentijd is het belangrijk de nieuwe ontwikkelingen goed te monitoren en [betrokkene] hierin verder te begeleiden. De kaders van de PIJ-maatregel zijn nog noodzakelijk voor het verder verminderen van het aanwezige recidiverisico en het versterken van de beschermende factoren. Het recidiverisico is op dit moment nog onvoldoende ingedamd. Ter zitting heeft de deskundige het geschatte recidiverisico aangepast in die zin dat door de positieve gedragsverandering van de afgelopen periode het recidiverisico nu wordt ingeschat op matig als de huidige kaders vanuit de JJI wegvallen. Het STP is de meest uitdagende fase van de PIJ-maatregel; vaardigheden moeten daadwerkelijk worden toegepast, kaders zijn minder voelbaar en terugval in oude denk- en leefpatronen is niet ondenkbeeldig. Het is daarom belangrijk dat de stappen naar een voorwaardelijke beëindiging gefaseerd en op een bij [betrokkene] passend tempo verlopen. Gelet op de fase waarin [betrokkene] nu zit, dient dat proces geleidelijk en zorgvuldig te verlopen. Waarbij voldoende oog gehouden dient te worden voor de problematiek en kwetsbaarheid van [betrokkene].
Voor het slagen van het STP is het van belang dat de kliniek betrokken blijft, zodat een terugplaatsing in een jeugdinrichting mogelijk blijft op het moment dat het misgaat. Voor een gunstig verloop van het STP acht de rechtbank een periode van zes maanden aangewezen om het STP goed af te ronden. De rechtbank houdt er rekening mee dat het mogelijk 3 maanden kan duren voordat DIZ heeft beslist over het STP.
De rechtbank zal de PIJ-maatregel gelet op het voorgaande met negen maanden verlengen.

5.De beslissing

De rechtbank:
- verlengt de termijn van de PIJ-maatregel van
[betrokkene]met
negen maanden.
Aldus gegeven door mr. E.J.M. Bos, voorzitter, mr. A. Flos en mr. D.E. Schaap, kinderrechters, in tegenwoordigheid van H.J.A. Teerlink, griffier en uitgesproken ter openbare zitting van 29 januari 2026.
Buiten staat
Mr. Schaap is niet in de gelegenheid deze beslissing mede te ondertekenen.