ECLI:NL:RBOVE:2026:4159
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken bezwaarprocedure tegen last onder bestuursdwang
In deze bestuursrechtelijke zaak verzocht eiseres op 10 juli 2025 om een voorlopige voorziening om te voorkomen dat het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente de tankplaats zou verzegelen. Dit naar aanleiding van een last onder bestuursdwang die op 24 februari 2026 was opgelegd.
Het college stelde de controle en mogelijke verzegeling uit tot 27 juli 2026. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk was omdat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij tijdig een bezwaarschrift had ingediend tegen het besluit van 24 februari 2026. Het enkel overleggen van een kopie van het bezwaarschrift en de stelling dat dit per reguliere post was verzonden, was onvoldoende bewijs.
Omdat geen bezwaarprocedure liep tegen het besluit, was niet voldaan aan het formele connexiteitsvereiste voor het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter deed daarom zonder zitting uitspraak en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een ingediend bezwaarschrift.