Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
primair) heeft geprobeerd [slachtoffer] zwaar te mishandelen, dan wel (
subsidiair) haar heeft mishandeld;
hij op een of meer tijdstippen of omstreeks de periode van 1 april 2024 tot en met 9 mei 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland, althans op een of meer plaatsen in Nederland (telkens) [slachtoffer], heeft mishandeld, door die [slachtoffer]
- in het gezicht, althans op/tegen het hoofd en/of het lichaam te slaan en/of te stompen en/of te trappen en/of
- op/tegen het lichaam te duwen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer] ten val kwam en/of
- bij de keel te pakken en/of de keel dicht te drukken en/of dichtgedrukt te houden en/of (vervolgens) met haar hoofd onder de kraan te duwen en/of (hierbij) de koudwaterkraan open te zetten en/of, terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn levensgezel;
hij op een of meer tijdstippen of omstreeks de periode van 1 november 2024 tot en met 5 december 2024 te Denekamp, gemeente Dinkelland [slachtoffer] heeft mishandeld, door die [slachtoffer] bij de enkel vast te pakken en/of (vervolgens) aan de enkel van de bank te trekken en/of aan de enkel door de woning te sleuren/trekken, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel, althans enig letsel ten gevolge had, te weten een gebroken enkel;
08-229600-25
hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks de periode van 27 augustus 2025 tot en met 28 augustus 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland (telkens) ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een ander, te weten [slachtoffer] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, door meerdere malen, althans eenmaal, te slaan en/of te schoppen tegen de armen, benen en/of het oor, althans tegen het lichaam van die [slachtoffer], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op of omstreeks 28 augustus 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door een mes, althans een scherp en puntig voorwerp tegen en/of bij de keel van die [slachtoffer] te drukken, prikken en/of houden;
hij op of omstreeks 28 augustus 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van strafvordering, te weten de gedragsaanwijzing d.d. 16 juni 2025, gegeven door de officier van justitie te arrondissementsparket Oost-Nederland door die [slachtoffer] thuis te bezoeken en/of in haar huis te verblijven;
hij op of omstreeks 19 juli 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van strafvordering, te weten de gedragsaanwijzing d.d. 16 juni 2025, gegeven door de officier van justitie te arrondissementsparket Oost-Nederland door (telefonisch) contact op te nemen met [slachtoffer].
3.De bewijsmotivering
hij op meer tijdstippen in de periode van 1 april 2024 tot en met 9 mei 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland, telkens [slachtoffer] heeft mishandeld, door die [slachtoffer]
- tegen het lichaam te slaan en te stompen en te trappen en
- tegen het lichaam te duwen, ten gevolge waarvan die [slachtoffer] ten val kwam en
- met haar hoofd onder de kraan te duwen en hierbij de koudwaterkraan open te zetten, terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn levensgezel;
hij in de periode van 1 november 2024 tot en met 5 december 2024 te Denekamp, gemeente Dinkelland, [slachtoffer] heeft mishandeld, door die [slachtoffer] bij de enkel vast te pakken en vervolgens aan de enkel van de bank te trekken en aan de enkel door de woning te sleuren, terwijl het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge had, te weten een gebroken enkel;
hij op meer tijdstippen in de periode van 27 augustus 2025 tot en met 28 augustus 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland telkens [slachtoffer] heeft mishandeld, door meerdere malen te slaan en te schoppen tegen de armen en benen van die [slachtoffer], terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn levensgezel;
hij op 28 augustus 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van Strafvordering, te weten de gedragsaanwijzing d.d. 16 juni 2025, gegeven door de officier van justitie te arrondissementsparket Oost-Nederland, door [slachtoffer] thuis te bezoeken en in haar huis te verblijven;
hij op 19 juli 2025 te Denekamp, gemeente Dinkelland, opzettelijk heeft gehandeld in strijd met een gedragsaanwijzing gegeven krachtens artikel 509hh, eerste lid, onderdeel b van het Wetboek van Strafvordering, te weten de gedragsaanwijzing d.d. 16 juni 2025, gegeven door de officier van justitie te arrondissementsparket Oost-Nederland, door (telefonisch) contact op te nemen met [slachtoffer].
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De op te leggen straf of maatregel
7.De schade van benadeelde
8.De vordering tenuitvoerlegging
9.De toegepaste wettelijke voorschriften
10.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
15 (vijftien) maanden;
9 (negen) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de verdachte voor het einde van de
proeftijd van 4 (vier) jarende navolgende algemene voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
daarbij gelden als voorwaarden van rechtswege dat de verdachte:
maatregel strekkende tot beperking van de vrijheidals
4 (vier) jaren;
14 (veertien) dagenhechtenis en bepaalt daarbij dat de maximale hechtenis zes maanden bedraagt;
dadelijk uitvoerbaaris, omdat er ernstig rekening mee moet
€ 3.000,00bestaande uit immateriële schade (te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 augustus 2025;
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van de bewezen verklaarde feiten tot betaling aan de Staat der Nederlanden van een bedrag van € 3.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 augustus 2025 ten behoeve van de benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat
gijzelingvoor de duur van
30 dagenkan worden toegepast. Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;
tenuitvoerleggingvan het resterende deel van de bij vonnis van de rechtbank Overijssel van 16 mei 2023 voorwaardelijk opgelegde
gevangenisstraf, zijnde een gevangenisstraf voor de duur van 1 (een) maand.