ECLI:NL:RBOVE:2026:4569

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
14 juli 2026
Publicatiedatum
25 juli 2026
Zaaknummer
12300336 \ CV EXPL 26-2197
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering schadevergoeding na fietsongeval veroorzaakt door honden

Eiseres vordert schadevergoeding van gedaagde wegens letselschade opgelopen bij een fietsongeval op 7 augustus 2021, veroorzaakt door de honden van gedaagde. De vordering betreft medische kosten, smartengeld, huishoudelijke hulp en reiskosten voor bezoeken aan (para)medici.

Gedaagde is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De kantonrechter stelt vast dat de dagvaarding aan de formele vereisten voldoet en dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond lijkt. De vordering is beperkt tot maximaal € 25.000,00, maar de onderbouwing van de hoogte is onduidelijk.

De kantonrechter geeft eiseres de gelegenheid om nadere toelichting te geven op de feitelijke grondslag en de hoogte van de vordering en houdt verdere beslissing aan tot ontvangst van deze toelichting.

Uitkomst: Vordering tot schadevergoeding wordt toegewezen onder voorbehoud van nadere toelichting op grondslag en hoogte.

Uitspraak

RECHTBANKOVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer: 12300336 \ CV EXPL 26-2197
Vonnis van 14 juli 2026
in de zaak van
[eiseres],
wonende te [woonplaats 1],
eisende partij,
gemachtigde: Stichting Rechtsbijstand Mobiliteitsbranche,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats 2],
gedaagde partij,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- het tegen gedaagde partij verleende verstek.
1.2
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De motivering

2.1
Bij de dagvaarding zijn de voorgeschreven termijn en formaliteiten in acht genomen.
2.2
Nu tegen gedaagde verstek is verleend, zal de kantonrechter de vordering toewijzen, tenzij deze hem onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
2.3
Eisende partij heeft gevorderd dat gedaagde partij bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de somma van een in goede justitie te bepalen schadevergoeding (niet de totaalsom van € 25.000,00 overstijgend), wordt veroordeeld, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten, zoals in de dagvaarding omschreven.
2.4
Ter onderbouwing van die vordering heeft eisende partij gesteld dat gedaagde partij schade moet vergoeden, bestaande uit onder andere: medische kosten, smartengeld, huishoudelijke hulp, en reiskosten wegens vele en toekomstige bezoeken aan (para)medici, ten gevolge van een fietsongeval welke op 7 augustus 2021 is veroorzaakt door de honden van gedaagde partij. Eisende partij heeft ten gevolge van dat ongeluk aanzienlijke letselschade opgelopen.
2.5
Eisende partij heeft haar vordering blijkens de dagvaarding gebaseerd op een in goede justitie te bepalen schadevergoeding en heeft betoogd dat de vordering wordt beperkt tot € 25.000,00. De in de dagvaarding gestelde bedragen zijn bij elkaar opgeteld echter een lager bedrag dan € 25.000,00. Onduidelijk is hoe deze stellingen zich tot elkaar verhouden. De kantonrechter stelt eisende partij in de gelegenheid om een toelichting te geven op de feitelijk grondslag van de vordering en de hoogte van de vordering.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
stelt eisende partij in de gelegenheid om een toelichting te geven op de grondslag van de vordering op de van
dinsdag 28 juli 2026,zoals overwogen onder r.o. 2.4.;
3.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.N.R. Wegerif, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 14 juli 2026. (HGR)