Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats 1],
1.[verweerster],wonende te [woonplaats 2],
[verweerder],
wonende te [woonplaats 3],
Rechtbank Overijssel
Verzoeker, een erfgenaam, heeft bij de rechtbank Overijssel een verzoek ingediend tot ontslag van zijn broers en zus als executeurs van de nalatenschap van hun overleden moeder. Hij stelt dat de executeurs hun taken niet goed uitvoeren, onder meer door onduidelijkheid over onttrokken geld en openstaande betalingen.
De executeurs betwisten de beschuldigingen en geven aan dat zij niet op de hoogte waren van het overlijden en dat hun werkzaamheden grotendeels zijn afgerond. Tijdens de mondelinge behandeling gaf verzoeker aan akkoord te gaan met voortzetting van het executeurschap.
De kantonrechter overweegt dat het ontslag van een executeur alleen op gewichtige gronden kan worden verleend en dat deze niet zijn gebleken. Daarom wordt het verzoek afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: Verzoek tot ontslag van executeurs wordt afgewezen wegens ontbreken van gewichtige redenen.