Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBOVE:2026:51

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
6 januari 2026
Publicatiedatum
8 januari 2026
Zaaknummer
11825516 \ CV EXPL 25-2350
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:29 BWArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsachterstand zorgpremies en weigering betalingsregeling door Zilveren Kruis

Zilveren Kruis vordert betaling van achterstallige zorgpremies, wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten van gedaagde die een betalingsachterstand heeft erkend. Gedaagde verzoekt om een betalingsregeling, maar Zilveren Kruis weigert hiermee akkoord te gaan.

De kantonrechter oordeelt dat Zilveren Kruis niet verplicht is akkoord te gaan met een betalingsregeling op grond van artikel 6:29 BW Pro. De vordering tot betaling van € 2.466,48, bestaande uit premies, rente en incassokosten, wordt toegewezen. Daarnaast wordt de wettelijke rente vanaf 16 juli 2025 over het openstaande bedrag van € 1.674,75 toegewezen.

Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van Zilveren Kruis, begroot op € 1.041,83. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige premies, rente en incassokosten aan Zilveren Kruis en het verzoek tot betalingsregeling wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht
Zittingsplaats Zwolle
Zaaknummer : 11825516 \ CV EXPL 25-2350
Vonnis van 6 januari 2026
in de zaak van
de naamloze vennootschap
ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd en kantoorhoudende te Utrecht,
eisende partij, hierna te noemen Zilveren Kruis,
gemachtigde: [gemachtigde],
tegen
[gedaagde],
wonende in [woonplaats],
gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde],
verschenen in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 15 juli 2025;
- de schriftelijke reactie van [gedaagde], aangemerkt als conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek, tevens akte vermeerdering van eis;
- de schriftelijke reactie van [gedaagde], aangemerkt als conclusie van dupliek.
1.2.
Ten slotte heeft de kantonrechter bepaald dat vonnis zal worden gewezen.

2.De beoordeling

2.1.
[gedaagde] heeft een zorgverzekering bij Zilveren Kruis. Zij heeft een achterstand laten ontstaan in de betaling van de premies.
2.2.
Zilveren Kruis wil – na vermeerdering van eis – dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt om een bedrag van € 2.466,48 aan Zilveren Kruis te betalen. Dat bedrag bestaat uit € 2.131,50 aan achterstallige premies, € 31,02 aan wettelijke rente tot en met 15 juli 2025 en € 303,96 aan buitengerechtelijke incassokosten. Verder wil Zilveren Kruis dat [gedaagde] wordt veroordeeld om de wettelijke rente vanaf 9 juli 2025 over de (op dat moment openstaande hoofdsom van € 1.674,75 te betalen, en dat [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten.
2.3.
[gedaagde] heeft erkend dat zij een betalingsachterstand heeft. [gedaagde] heeft gevraagd of zij de achterstand in maandelijkse termijnen kan betalen.
2.4.
Omdat [gedaagde] heeft erkend dat zij de bedragen die Zilveren Kruis vordert, verschuldigd is, zal de kantonrechter de vordering van Zilveren Kruis toewijzen en [gedaagde] veroordelen om een bedrag van € 2.131,50 aan Zilveren Kruis te betalen. De kantonrechter kan niet bepalen dat [gedaagde] de achterstand in maandelijkse termijn mag betalen, omdat Zilveren Kruis dat, als schuldeiser, zelf mag bepalen (dat staat in artikel 6:29 van Pro het Burgerlijk Wetboek). [gedaagde] kan natuurlijk wel zelf met Zilveren Kruis contact opnemen om tot een betalingsregeling te (proberen te) komen.
2.5.
Omdat [gedaagde] een betalingsachterstand heeft en daardoor bedragen te laat heeft betaald, moet zij ook de wettelijke rente betalen. De wettelijke rente wordt toegewezen voor een bedrag van € 31,02 tot en met 15 juli 2025, en vanaf 16 juli 2025 over de (op dat moment achterstallige) factuurbedragen van € 1.674,75.
2.6.
Zilveren Kruis heeft [gedaagde] op 14 mei 2025 voor een achterstallig bedrag van € 1.674,75 een aanmaning gestuurd die aan de wettelijke vereisten voldoet. De buitengerechtelijke incassokosten worden aan de hand van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten toegewezen voor een bedrag van € 303,96.
2.7.
In totaal moet [gedaagde] dus een bedrag van € 2.131,50 + € 31,02 + € 303,96 = € 2.466,48 aan Zilveren Kruis betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 juli 2025 tot de dag van volledige betaling over de (op dat moment achterstallige) factuurbedragen van € 1.674,75.
2.8.
[gedaagde] wordt in deze procedure veroordeeld om de door Zilveren Kruis gevorderde bedragen te betalen. Dat betekent dat zij ongelijk krijgt. [gedaagde] moet daarom de proceskosten van Zilveren Kruis betalen. De proceskosten worden begroot op:
kosten dagvaarding € 146,83
griffierecht € 385,00
salaris gemachtigde € 408,00 (2 punten x salaristarief € 204,00)
nakosten
€ 102,00(½ punt x salaristarief € 204,00)
totaal € 1.041,83

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om een bedrag van € 2.466,48 aan Zilveren Kruis te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over een bedrag van € 1.674,75 vanaf 16 juli 2025 tot de dag van volledige betaling;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Zilveren Kruis begroot op € 1.041,83;
3.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
3.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 6 januari 2026. (SB)