Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
handelend onder de naam [bedrijf 1] ,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 8,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
- het bericht op de rol van 18 november 2025, waarin mr. P.H.A. Mulder meedeelt dat hij
zich heeft onttrokken als advocaat van [gedaagde] ,
- de brief van 1 december 2025 van mr. Rorink namens De Hagen met productie 26,
- het e-mailbericht van 9 december 2025 van mr. Knobben,
- het e-mailbericht van 10 december 2025 van mr. Rorink,
- het e-mailbericht van 10 december 2025 namens de rechtbank aan mrs. Rorink en
Knobben,
- de mondelinge behandeling van 11 december 2025, waarvan door de griffier
aantekeningen zijn gemaakt.
2.De zaak in het kort
De Hagen de gekochte lampen te leveren. De vorderingen van De Hagen zijn daarom grotendeels toewijsbaar. Hierna zal deze beslissing van de rechtbank worden toegelicht.
3. De feiten
- levering voor de proefkamer is gepland op 17 augustus 2024 (2+2+2) en
- vanaf week 37 elke dinsdag levering van armaturen en lichtbronnen voor zes kamers.
3.4. In september 2024 is gebleken dat de lampen niet op tijd geleverd konden worden. Daarom is afgesproken dat [gedaagde] totdat de originele lampen gereed zijn alternatieve lampen aan De Hagen zou leveren en factureren.
“
(…) De afspraak met [naam 1] is als volgt; de openstaande facturen worden verrekend tegen de eerste leveringsfactuur van 30% van de totale order. Daarbij is afgesproken dat de levering van de originele lampen in week 46 plaats zal vinden.
“
(…) Wij gaan idd de 2e aanbetalingsfactuur niet versturen hiervoor zien wij dan de betaling van de openstaande facturen per omgaande tegemoet. In week 46 gaan wij de originelen leveren en zal ik met [naam 1] de leen armaturen bespreken. (…)”
“
Zoals vandaag telefonisch besproken;
“(…) Kun jij hier de specifieke afspraken m.b.t. de levering aan toevoegen? Dus in welke weken er geleverd gat worden en om hoeveel het gaat? (…).”
“
Zoals besproken leveren wij komende week de eerste serie minimaal 2 serieElke op een volgende week een vervolg ik schat met 4 weken hierna alles geleverd te hebben.”
“
Uit hoeveel lampen bestaat de levering van volgende week? Dat is mij nog niet helemaal duidelijk.”
“
Wij maken nu de eerste 24 stuks van alles klaar en gaan daarna direct door na de volgende 24. Ik heb nog geen verdere betaling gezien, wellicht wel gedaan wij wachten het verder even af.”
(…) Ons standpunt is dat de levering van de originele lampen op gang moeten komen. Wij hebben immers onze onderlinge afspraak in jouw mail van donderdag 21 november(de rechtbank begrijpt: 5 november)
nagekomen door de op dat moment 2 oudste facturen te betalen.
“
U heeft van ons de 30% factuur mbt originele armaturen ontvangen.Inmiddels is de eerste levering van de armaturen geschied en staat de volgende ook klaar.
M.b.t. de aanbetalingsfactuur bij levering hebben wij afgesproken dat deze 30% factuur niet verstuurd zou worden maar verrekend gaat worden met alle facturen die wij voor de alternatieven hebben betaald, zie 2e bijlage. In week 46 hebben wij overigens nooit een levering heeft ontvangen.
4.Het geschil
I. voor recht zal verklaren dat de tussen De Hagen en [gedaagde] bestaande
koopovereenkomsten en verder gemaakte afspraken zijn ontbonden;
II. [gedaagde] zal veroordelen tot betaling aan De Hagen van € 50.711,53;
III. [gedaagde] zal veroordelen om de schade van De Hagen te vergoeden, welke schade nader
moet worden opgemaakt bij Staat en moet worden vereffend als volgens de wet;
buitengerechtelijke kosten, de kosten van het geding, de beslagkosten, alsmede de
nakosten.
5.De beoordeling
- kosten voor het monteren en verwijderen van de alternatieve lampen;
- kosten voor het aanschaffen van nieuwe originele lampen;
- kosten voor het monteren van de nieuwe originele lampen. Tijdens de mondelinge behandeling heeft De Hagen als schadepost toegevoegd dat hotelkamers niet verhuurd kunnen worden als de alternatieve lampen worden gedemonteerd en de nieuwe lampen worden opgehangen.
27 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2774).
Ook de kosten voor montage voor nieuwe lampen, komen niet voor vergoeding in aanmerking. Indien [gedaagde] niet zou zijn tekortgeschoten in zijn leveringsverplichting, dan had De Hagen immers ook kosten moeten maken voor het monteren van lampen.
De conclusie, nevenvordering en proceskosten5.32. Uit het voorgaande volgt dat De Hagen op 28 februari 2025 de koopovereenkomst met [gedaagde] buitengerechtelijk heeft ontbonden. Het gevolg van deze ontbinding is dat op grond van artikel 6:271 BW Pro [gedaagde] het bedrag van € 50.711,53 moet terugbetalen. De hiervoor onder 4.1 vermelde vordering in sub I en II worden daarom toegewezen.
8 januari en 11 en 28 februari 2025 van mr. Rorink aan de advocaat van [gedaagde] . Op grond van artikel 6:96 BW Pro in combinatie met het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten heeft De Hagen voor het verrichten van deze handelingen recht op het gevorderde bedrag van € 1.282,12 aan buitengerechtelijke incassokosten.
6.De beslissing
€ 2.689,32,