Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
wonende te [woonplaats 1],
[bedrijf],
wonende en zaakdoende te [woonplaats 2],
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
Eiser is sinds 1 november 1996 in dienst bij gedaagde als contactspecialist en heeft zich op 20 augustus 2024 ziekgemeld. Eiser vordert betaling van het loon over januari 2026, vermeerderd met wettelijke verhoging en rente, omdat gedaagde het salaris stelselmatig onvolledig en niet tijdig heeft betaald. Eerder was gedaagde reeds veroordeeld tot betaling van wettelijke verhoging, rente en incassokosten over achterstallig loon.
De procedure in kort geding vond plaats op 3 februari 2026, waarbij gedaagde niet is verschenen. Tegen gedaagde is verstek verleend. Eiser heeft haar standpunt toegelicht en de kantonrechter heeft de vordering na wijziging van eis toegewezen. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het loon over januari 2026, wettelijke verhoging en rente, incassokosten, en tot het overleggen van een behoorlijke bruto/netto specificatie over november en december 2025 en over de betalingen uit hoofde van deze procedure.
De kantonrechter veroordeelt gedaagde tevens in de proceskosten, begroot op € 1.143,50, te vermeerderen met wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde is afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van onbetaald loon over januari 2026, wettelijke verhoging, rente, incassokosten en het overleggen van loon specificaties.