ECLI:NL:RBOVE:2026:705

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
10 februari 2026
Publicatiedatum
13 februari 2026
Zaaknummer
12024951 \ CV EXPL 25-3723
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6.6 AVArt. 6.9 AVArt. 7:213 BWArt. 7:214 BWArt. 6:265 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding huurovereenkomst wegens hennepkwekerij en huurachterstand

De stichting Welbions vordert ontbinding van de huurovereenkomst met mevrouw [naam 1] en betaling van een huurachterstand van €2.102,07. Daarnaast vordert zij ontruiming van de woning en betaling van een gebruiksvergoeding voor de periode na ontbinding. De vordering is gebaseerd op het aantreffen van een hennepkwekerij in de woning en het niet tijdig betalen van de huur.

Mevrouw [naam 1] staat sinds januari 2022 onder bewind bij Stichting Doe Mee(r), die als formele procespartij is opgetreden. Welbions verhuurt de woning sinds mei 2025. De politie trof op 19 augustus 2025 een hennepkwekerij aan met 72 planten, die niet meer in werking was. De bewindvoerder stelt dat mevrouw [naam 1] niet betrokken was bij de kwekerij en in die periode in het buitenland verbleef.

De kantonrechter oordeelt dat het niet aannemelijk is dat mevrouw [naam 1] niet betrokken was bij de hennepkwekerij, mede gelet op de duur van de kweekcyclus en het ontbreken van bewijs van haar verblijf in het buitenland. Dit vormt een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de huurovereenkomst. Tevens staat de huurachterstand vast. De ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming binnen twee maanden en betaling van de achterstallige huur en gebruiksvergoeding worden toegewezen. De bewindvoerder wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden wegens hennepkwekerij en huurachterstand, met ontruiming binnen twee maanden en betaling van achterstallige huur plus gebruiksvergoeding.

Uitspraak

RECHTBANKOVERIJSSEL
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Enschede
Zaaknummer: 12024951 \ CV EXPL 25-3723
Vonnis van 10 februari 2026
in de zaak van
de stichting
STICHTING WELBIONS,
gevestigd te Hengelo,
eisende partij, hierna te noemen: Welbions,
gemachtigde: mr. A. Çapkurt,
tegen
de stichting
STICHTING DOE MEE(R),
in hoedanigheid van bewindvoerder in het beschermingsbewind van [naam 1],
gevestigd te Hengelo,
gedaagde partij, hierna ook wel de bewindvoerder te noemen,
vertegenwoordigd door bewindvoerder dhr. [bewindvoerder] in persoon.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- de conclusie van antwoord.
1.2.
Op 13 januari 2026 is de mondelinge behandeling gehouden. Daarbij waren aanwezig namens Welbions de heer [naam 2] en de heer [naam 3], bijgestaan door
mr. A. Çapkurt.
Namens de bewindvoerder waren aanwezig de heer [bewindvoerder] en mevrouw
[naam 4]. Tevens waren aanwezig mevrouw [naam 1] en haar ambulant begeleidster mevrouw [naam 5].
Tijdens de mondelinge behandeling zijn door de griffier aantekeningen gemaakt van hetgeen aan de orde is geweest.
1.3.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Mevrouw [naam 1] (hierna: [naam 1]) staat vanaf 25 januari 2022 onder bewind bij Stichting Doe Mee(r), hierna: de bewindvoerder. De bewindvoerder is daarom als formele procespartij gedagvaard.
2.2.
Welbions verhuurt met ingang van 6 mei 2025 aan [naam 1] de woning aan het adres [adres] (hierna: het gehuurde). De huur bedraagt € 700,69 per maand en is bij vooruitbetaling verschuldigd. Op deze huurovereenkomst zijn algemene voorwaarden van toepassing.
2.3.
Er is een achterstand ontstaan in de betaling van de maandelijkse huurbedragen. Tot en met december 2025 bedraagt de huurachterstand € 2.102,07.
2.4.
In artikel 2 van Pro de huurovereenkomst is bepaald:
“Het gehuurde is uitsluitend bestemd om voor huurder en leden van zijn huishouding als woonruimte te dienen.”
2.5.
Op de huurovereenkomst zijn Algemene Huurvoorwaarden Huurovereenkomst zelfstandige woonruimte (hierna: AV) van toepassing. In artikel 6.6 AV is opgenomen:

Het is huurder slechts met voorafgaande toestemming van verhuurder toegestaan het
gehuurde geheel of gedeeltelijk onder te verhuren of aan derden in gebruik te geven,
dan wel het gehuurde op internet of anderszins aan derden te huur of gebruik te bieden
(…)”
2.6.
In artikel 6.9 AV is opgenomen:
“Het is huurder niet toegestaan in het gehuurde hennep te (doen) kweken, drogen of knippen, dan wel andere activiteiten te (doen) verrichten die op grond van de Opiumwet strafbaar zijn gesteld. (…)”
2.7.
Op 19 augustus 2025 is de politie de woning van [naam 1] binnengetreden. Aanleiding hiervoor was dat de politie op 9 augustus 2025 een melding heeft ontvangen dat er in het gehuurde een hennepkwekerij zou zitten. De politie heeft in het gehuurde aan de achterzijde een kamer aangetroffen met daarin een hennepkwekerij. De hennepkwekerij was op dat moment niet meer in werking en bood ruimte aan 72 hennepplanten. De politie heeft op 25 augustus 2025 een zogeheten Hennepbericht opgemaakt (productie 2).

3.Het geschil

Wat vordert Welbions?
3.1.
Welbions vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde met veroordeling van de bewindvoerder tot betaling de huurachterstand van
€ 2.102,07 en van een bedrag van € 700,69 per maand voor elke maand dat [naam 1] na ontbinding van de huurovereenkomst in de woning aan de [adres] verblijft, vermeerderd met wettelijke rente tot aan de dag van algehele voldoening. Ten slotte vordert zij veroordeling van de bewindvoerder in de kosten van deze procedure.
3.2.
Ter onderbouwing van haar vordering stelt Welbions dat [naam 1] op verschillende punten tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst en dat [naam 1] zich niet als een goed huurder heeft gedragen.
3.3.
Volgens Welbions heeft [naam 1] zich door exploiteren van een hennepkwekerij in het gehuurde niet als goed huurder gedragen en hiermee in strijd gehandeld met artikel 6.9 van de algemene huurvoorwaarden. Welbions gaat er bij gebrek aan bewijs van het tegendeel vanuit dat [naam 1] (mede-)verantwoordelijk is voor de hennepkwekerij in het gehuurde. Zelfs als dit niet het geval is, is zij ten opzichte van Welbions aansprakelijk voor de aanwezigheid daarvan. [naam 1] is in dat geval tekortgeschoten in de nakoming van haar toezichtverplichting op de woning zodat criminele activiteiten hebben kunnen plaatsvinden vanuit het gehuurde. [naam 1] is op grond van de huurovereenkomst en de wet verplicht is om het gehuurde als woonruimte te gebruiken en de bestemming niet te wijzigen. [naam 1] heeft door het houden van een professionele hennepkwekerij in het gehuurde in strijd gehandeld met deze verplichting aldus Welbions.
3.4.
Daarnaast is de bewindvoerder in gebreke gebleven met de tijdige betaling van drie huurtermijnen. Hierdoor is er een huurachterstand tot en met december 2025 ontstaan van
€ 2.102,07. Welbions stelt dat deze huurachterstand (op basis van de vaste rechtspraak) op zichzelf al de ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde rechtvaardigt.
3.5.
Welbions heeft een zwaarwegend belang bij haar vorderingen. Zij voert al jaren een zerotolerancebeleid ten aanzien van druggerelateerde activiteiten in haar woningen.
Wat vindt de bewindvoerder?
3.6.
De bewindvoerder zegt dat [naam 1] niet betrokken is bij de hennepteelt in het gehuurde. Hij stelt dat [naam 1] in de betreffende periode in het buitenland (Spanje) verbleef. Tevens heeft de bewindvoerder aangegeven dat aan [naam 1] een Wajong uitkering is toegekend waarmee de huurachterstand betaald kan worden. Gezien de persoonlijke omstandigheden van [naam 1] vraagt de bewindvoerder de gevorderde ontruiming af te wijzen.
3.7.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter heeft ambtshalve beoordeeld of in de overeenkomst en/of de daarop van toepassing zijnde algemene voorwaarden bepalingen zijn opgenomen ten aanzien van de gevorderde hoofdsom, de gevorderde vergoeding voor gemaakte buitengerechtelijke incassokosten en/of de gevorderde vergoeding van rente, die zodanig afwijken van de wettelijke regelingen dat de consument daardoor aanzienlijk wordt benadeeld en door de kantonrechter vernietigd moeten worden. Dat is niet het geval.
4.2.
Het uitgangspunt is dat [naam 1] zich als goed huurder moet gedragen. Dit betekent dat [naam 1] zich moet houden aan haar verplichtingen uit de huurovereenkomst, de algemene voorwaarden en de wet. Indien [naam 1] deze verplichtingen niet nakomt (een tekortkoming), kan dit reden zijn om de huurovereenkomst te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. [1]
4.3.
Het gaat in deze zaak om de vraag of hetgeen door Welbions is gesteld, voldoende reden is om te kunnen oordelen dat sprake is van een dusdanige toerekenbare tekortkoming van [naam 1] in haar verplichtingen uit de huurovereenkomst, welke gesanctioneerd zou moeten worden met een ontbinding van die huurovereenkomst.
4.4.
De kantonrechter oordeelt dat de vordering van Welbions tot ontbinding van de huurovereenkomst en daaraan gekoppeld de ontruiming van het gehuurde, toewijsbaar is op grond van hetgeen door Welbions is gesteld en met stukken is onderbouwd. In dat kader wordt het volgende overwogen.
4.5.
[naam 1] voert aan dat hennepkwekerij is opgezet buiten haar medeweten in de periode dat zij in Spanje verbleef. Ook heeft [naam 1] tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat zij de sleutel niet aan een vriend heeft gegeven zoals is opgenomen in en rapport van Welbions [2] , maar dat zij de sleutel van de woning was verloren en kennelijk iemand deze heeft gevonden.
4.6.
In de procedure en tijdens de mondelinge behandeling is niet duidelijk geworden, althans is niet onderbouwd, of en wanneer [naam 1] naar Spanje is vertrokken en wanneer zij weer is teruggekomen. Het meest concreet is de mededeling van mevrouw [naam 5] (de ambulant begeleider van [naam 1]) die in haar rapport heeft opgenomen dat [naam 1] op 10 juli 2025 plotseling uit het gehuurde is vertrokken nadat haar ex-partner de inboedel van [naam 1] kort en klein had geslagen. Over wanneer [naam 1] weer terug zou zijn gekomen in Nederland en dus zelf de hennepkwekerij had kunnen ontdekken, is in het geheel niets gesteld.
4.7.
Daarnaast acht de kantonrechter de verklaring van [naam 1] tijdens de mondelinge behandeling dat zij de sleutel niet aan een vriend zou hebben gegeven, maar dat zij deze is verloren, niet direct aannemelijk. Niet alleen in het rapport van Welbions staat dat [naam 1] gezegd zou hebben dat zij de sleutel aan een vriend heeft gegeven, ook in de brief van de gemachtigde van Welbions van 25 november 2025 staat dit vermeld. Het zou in de rede hebben gelegen dat dit direct weersproken zou zijn als dit een verkeerde aanname zou zijn.
4.8.
Ook indien er vanuit zou worden gegaan dat [naam 1] twee maanden in Spanje heeft verbleven, acht de kantonrechter het, gezien de kweektijd van hennep (10 weken), het zeer onwaarschijnlijk dat is [naam 1] geen kennis heeft gehad van de hennepplantage in het gehuurde. Voor de kweekcyclus van hennep wordt over het algemeen een termijn van tien weken als norm gehanteerd [3] . Bij deze termijn wordt geen rekening gehouden met de opbouw van de (professionele [4] ) installatie waarvoor ook één tot twee weken nodig is.
4.9.
Uit het hennepbericht van de politie blijkt dat bij het onderzoek op 19 augustus 2025 in het gehuurde 72 potten zijn aangetroffen waarin hennepplanten hebben gezeten die op dat moment al waren geoogst. Uitgaande van een kweekcyclus van 10 weken en een opbouw van de kweektent van minimaal een week, zou de hennepkwekerij in het gehuurde in ieder geval al op 3 juni 2024 moeten zijn opgestart. Hier dient ook de tijd van het oogsten nog bij opgeteld te worden.
4.10.
De conclusie is dan ook dat op geen enkele wijze aannemelijk is geworden dat [naam 1] niet betrokken is geweest bij de hennepkwekerij in het gehuurde, dan wel dat haar hiervan geen verwijt kan worden gemaakt. Aldus is sprake van overtreding van artikel 6.9 van de algemene huurvoorwaarden en van artikel 7:214 BW Pro waarin staat dat het gehuurde alleen als woonruimte gebruikt mag worden en dus niet als hennepkwekerij. [naam 1] heeft zich daarom niet gedragen zoals van een goed huurder mag worden verwacht, een verplichting die is opgenomen in artikel 7:213 BW Pro. Dit levert een toerekenbare tekortkoming op aan de zijde van [naam 1] in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst welke een ontbinding van de huurovereenkomst en in het verlengde daarvan een ontruiming van het gehuurde rechtvaardigt. De gevorderde ontbinding en ontruiming worden dan ook toegewezen.
4.11.
De bewindvoerder is in deze procedure de formele procespartij, zij vertegenwoordigt [naam 1] in en buiten rechte en dat betekent dat het handelen van [naam 1] indirect de bewindvoerder als formele procespartij aangerekend wordt. Daarom zal de bewindvoerder veroordeeld worden tot ontruiming van het gehuurde.
4.12.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft Welbions aangegeven zij bij de handhaving van het zerotolerancebeleid in het kader van druggerelateerde activiteiten geen rekening kan houden met de persoonlijke omstandigheden van [naam 1] en dat Welbions om die reden haar vordering tot ontbinding en ontruiming handhaaft, maar dat de gevorderde ontruimingstermijn van veertien dagen eventueel verlengd zou kunnen worden tot twee of drie maanden. De kantonrechter volgt Welbions hierin en zal de ontruimingstermijn stellen op twee maanden na betekening van het vonnis.
4.13.
Tijdens de mondelinge behandeling is ook vast komen te staan dat, ondanks toezegging van de bewindvoerder, de huurachterstand tot en met december 2025 niet is betaald. De bewindvoerder heeft de huurachterstand niet betwist. De huurachterstand tot en met december 2025 van € 2.102,07 staat hiermee vast en zal worden toegewezen.
4.14.
Welbions wil ook dat de bewindvoerder wordt veroordeeld tot het betalen van een maandelijks bedrag van € 700,69, te rekenen vanaf de maand januari 2026 tot het moment dat de bewindvoerder het gehuurde ontruimt. Dit is de huurprijs per maand en na het ontbinden van de huurovereenkomst is dit een gebruiksvergoeding voor de tijd dat de bewindvoerder nog in het gehuurde verblijft. Deze vordering zal worden toegewezen.
4.15.
De bewindvoerder is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Welbions worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
149,02
- griffierecht
385,00
- salaris gemachtigde
434,00
(2 punten × € 217,00)
- nakosten
108,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.076,52

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
ontbindt de tussen Welbions en [naam 1] bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde aan het adres [adres],
5.2.
veroordeelt de bewindvoerder om binnen twee maanden na betekening van dit vonnis het gehuurde te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van Welbions zijn, en de sleutels af te geven aan Welbions,
5.3.
veroordeelt de bewindvoerder om te betalen aan Welbions:
- € 2.102,07 aan achterstallige huur tot en met december 2025,
- € 700,69 per maand vanaf januari 2026 tot en met het eind van de maand waarin de daadwerkelijke ontruiming heeft plaatsgevonden, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag dat het bedrag opeisbaar is geworden tot de dag van de volledige betaling,
5.4.
veroordeelt de bewindvoerder in de proceskosten van € 1.076,52, te betalen binnen veertien dagen na dit vonnis, te vermeerderen met de kosten van betekening als de bewindvoerder niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.S. Kuipers en in het openbaar uitgesproken op 10 februari 2026. (PHR)

Voetnoten

1.Artikel 6:265 BW Pro.
2.Productie 6 bij dagvaarding.
3.https://www.om.nl/documenten/afpakken/map/hennep/wederrechtelijk-verkregen-voordeel-hennepkwekerij
4.Uit de overgelegde foto’s blijkt duidelijk dat de kwekerij professioneel is opgezet.