Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
UITVOERINGSINSTITUUT WERKNEMERSVERZEKERINGEN (UWV),
ZORGHOTEL EN RETRAITEHUIS ZENDEREN B.V.,
Rechtbank Overijssel
Tussen UWV en Zorghotel Zenderen is een detacheringsovereenkomst gesloten voor de periode van 17 april 2023 tot 17 april 2024. UWV vordert betaling van facturen uit hoofde van deze overeenkomst, terwijl Zorghotel Zenderen de facturen betwist en een opschorting van betaling en aanvullende verweren heeft ingesteld wegens ondeugdelijk functioneren van de gedetacheerde werknemer.
Zorghotel Zenderen heeft een incidentele vordering ingesteld op grond van artikel 194 lid 1 Rv Pro in verbinding met artikel 195 lid 1 Rv Pro, gericht op inzage in het personeelsdossier van de gedetacheerde werknemer over een bepaalde periode, om haar verweren beter te onderbouwen. UWV heeft geen tijdig verweer gevoerd tegen deze vordering, en een te late reactie van UWV is door de rechtbank buiten beschouwing gelaten.
De rechtbank oordeelt dat Zorghotel Zenderen voldoende gronden heeft aangevoerd voor de gevorderde inzage, maar beperkt het tijdvak van de gevraagde documenten tot de periode van 1 januari 2020 tot 17 april 2023. De rechtbank veroordeelt UWV tot afgifte van kopieën van functioneringsverslagen, correspondentie, disciplinaire maatregelen, ziekteverzuimdocumentatie en interne besluitvorming betreffende de detachering.
Daarnaast wordt UWV veroordeeld tot betaling van een dwangsom bij niet-nakoming en tot vergoeding van de proceskosten van Zorghotel Zenderen. Het overige of meer gevorderde wordt afgewezen. De zaak wordt op 4 maart 2026 voortgezet voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de incidentele vordering toe en veroordeelt UWV tot afgifte van personeelsdossierdocumenten en betaling van proceskosten.