Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met producties
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald
- de akte van [gedaagde]
- de akte van [eiser].
2.Waar gaat het over?
3.De feiten
(…)
onder verplichting om de schulden voor haar rekening te nemen en als eigen schulden te voldoen.
in eigendom te leveren aan de comparante sub 2, mevrouw [gedaagde]
verklaren dat in verband met bovenstaande verdeling sub A en B de comparante sub 2 is overbedeeld met een waarde van een honderd vijf en veertig duizend een honderd zeventig euro (€ 145.170,00) als gevolg waarvan de comparante sub 2 een schuld heeft aan de comparant sub 1.a gelijk aan vermelde waarde waarmee de comparante sub 2 is overbedeeld, ad een honderd vijf en veertig duizend een honderd zeventig euro (€ 145.170,00).
.
(…)
moet een bedrag groot vier en twintig duizend zes honderd zestig euro (€ 24.660,00) als tegenprestatie voor de afstand van het recht van gebruik en bewoning betalen.
In mijn dossier kan ik geen gegevens vinden van eventuele schenkingen door erflater. (…) Er zijn met uw cliënt meerdere afspraken geweest over de inboedel en de sieraden. Op 12 april 2022 is alles opgehaald wat ze wilden hebben (o.a. schilderijen, sieraden, diverse artikelen). Het overige is vernietigd; er is derhalve geen inventarislijst.
en ondergetekende kunnen geen nadere stukken opleveren (ook niet via een rechtelijke procedure)
(…)
(…)
(…)
(…)
4.De vordering en de standpunten van partijen
5.De beoordeling
alle goederen zijn gewaardeerd in onderling overleg naar hun waarde per 10 februari 2006”. Uit de akte blijkt vervolgens dat alle aanwezige vermogensbestanddelen aan [gedaagde] zijn toegedeeld onder de verplichting om de schulden voor haar rekening te nemen en als eigen schulden te voldoen. In de akte staat voorts dat [gedaagde] is overbedeeld voor een bedrag van € 145.170,00. In de akte staat dat vader, moeder en [gedaagde] zijn overeengekomen dat afstand wordt gedaan van deze vordering wegens overbedeling en dat [gedaagde] het bedrag schuldig blijft. Over dit bedrag is [gedaagde] een rente verschuldigd. Nu [eiser] geen stukken heeft ontvangen waaruit blijkt dat deze vordering inclusief rente is voldaan door [gedaagde] stelt zij zich op het standpunt dat deze vordering onderdeel uitmaakt van de nalatenschap van (vader en) moeder. Voor de nalatenschap van moeder betekent dat volgens [eiser] dat deze een vordering (inclusief rente) heeft op [gedaagde] ter hoogte van € 236.153,81.
gestaakt, heeft
voortgezet, zoals [gedaagde] bij akte van 8 oktober 2025 stelt;
voortzetting) waarnaar [gedaagde] in haar akte van 8 oktober 2025 verwijst.
6.De beslissing
woensdag 18 maart 2026voor het nemen van die akte aan de zijde van [gedaagde],