ECLI:NL:RBOVE:2026:957
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen aanslag watersysteemheffing ongegrond verklaard
Belanghebbende, eigenaar van een woning, maakte bezwaar tegen de aanslag watersysteemheffing 2024 vanwege wateroverlast op zijn perceel en bijgebouwen. Hij stelde dat de aanslag onterecht was omdat hij geen profijt zou hebben van de waterschapsdiensten.
De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar ongegrond en handhaafde de aanslag, verwijzend naar de Wet modernisering waterschapsbestel (2008) en jurisprudentie, waaronder een arrest van het gerechtshof Arnhem uit 2012. Volgens deze regelgeving geldt dat alle onroerende zaken binnen het waterschapsgebied geacht worden belang te hebben bij de taakuitoefening van het waterschap.
De rechtbank sloot zich aan bij de heffingsambtenaar en oordeelde dat het niet relevant is welke concrete inspanningen het waterschap levert voor individuele percelen. Belanghebbende had de mogelijkheid om zijn klachten over waterafvoer rechtstreeks bij het waterschap aan te kaarten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, de aanslag bleef in stand en belanghebbende kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag watersysteemheffing 2024 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft gehandhaafd.