Uitspraak
gedaagde partij in reconventie,
eisende partij in reconventie,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie tevens conclusie van eis in reconventie met producties 1 tot en met 6,
- de conclusie van antwoord in reconventie met producties 10 tot en met 13,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald en
2.De zaak in het kort
Op 29 oktober 2024 heeft [gedaagde] [partij A] gemaild dat hij heeft besloten om per
1 januari 2025 over te stappen naar een andere boekhouder.
De kantonrechter is van oordeel dat [partij A] recht heeft op het gevorderde bedrag aan honorarium over 2024. Wat betreft het honorarium over 2025 en het meerwerk wordt de vordering van [partij A] afgewezen. In reconventie is het bedrag dat gevorderd is voor de werkzaamheden van de opvolgend boekhouder toewijsbaar.
Hierna wordt deze beslissing van de kantonrechter toegelicht.
3. De feiten
1. Inboeken incl controlewerk € 238,33
2. Btw aangifte € 60,00
3. Jaarrapport inclusief bespreking € 382,50
4. Aangifte inkomstenbelasting (incl fiscaal partner) € 76,50
Boekhoudpakket incl kijkfunctie (tablet/pc/telefoon) en
5. Facturatiemogelijkheid en bankkoppeling € 66,00
Totaal pakketprijs exclusief btw € 800,00
van tevoren worden aangegeven onder vermelding van een raming van de kosten.
- honorarium jaar 2024 € 800,-
- honorarium jaar 2025 ivm tussentijdse opzegging € 800,-
- btw 21% € 336,-
- meerwerk: aantal inkoopfacturen 421 ipv maximum 200 € 263,96
- meerwerk:
aanlevering verkoop- en inkoopfacturen niet via boekhoudpakket € 198,00
verwijderen dubbele facturen
splitsen van facturen
- meerwerk: opvragen van facturen, navragen zakelijk/prive € 51,00
- opnieuw aanvragen van machtigingen € 24,00
- kosten boekhoudpakket 2025 € 92,20
- uit coulance credit op factuur 3057 mbt honorarium 2025 - € 600,00
subtotaal € 29,16
btw 21% € 6,12
“
(…) [gedaagde] heeft de wens om 2024 en volgende jaren door Kubus te laten verzorgen.Zoals gebruikelijk binnen de administratie / accountancy wereld verzoek ik ook uw medewerking hier in.Graag ontvang ik de grootboekkaarten en kolommenbalans over 2024 en andere relevante stukken. (…).”
€ 300,- te betalen (zie hiervoor onder 3.9) niet akkoord is.
4. Het geschil
I. € 1.471,28, vermeerderd met de wettelijke handelsrente;
II. € 255,40 buitengerechtelijke kosten,
III. de kosten van deze procedure, vermeerderd met wettelijke handelsrente.
5.De beoordeling
Dit neemt niet weg dat partijen het honorarium voor specifieke werkzaamheden zijn overeengekomen. [partij A] heeft erkend dat hij deze werkzaamheden over 2025 niet heeft verricht. Ook heeft hij verklaard dat hij het abonnement voor het boekhoudpakket twee maanden van tevoren had kunnen opzeggen. [partij A] kan om die reden geen aanspraak maken op betaling voor werkzaamheden over 2025.
aantal 1,00” vermeld, terwijl de daarbij in rekening gebrachte bedragen in hoogte verschillen. [partij A] heeft verklaard dat hij een uurtarief heeft gehanteerd, maar dit tarief is in de factuur niet vermeld. De uren die aan meerwerk zijn besteed, zijn evenmin in de factuur vermeld of nader toegelicht. Bij die stand van zaken heeft [partij A] onvoldoende onderbouwd dat hij recht heeft op betaling van meerwerk.
13 maart 2025 en de e-mails van 14 en 16 april 2025 van mr. Masselink aan (de gemachtigde van) [gedaagde]. Op grond van artikel 6:96 BW Pro in combinatie met het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten heeft [partij A] voor het verrichten van deze handeling recht op € 70,20 aan buitengerechtelijke incassokosten.
€ 72,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de
beslissing)
€ 778,50 is gevorderd. Dit bedrag had volgens [gedaagde] € 757,25 moeten zijn zoals op de factuur van 26 juni 2025 van Kubus is vermeld. De kantonrechter zal op deze eiswijziging beslissen. Hoewel artikel 130 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) voorschrijft dat een eiswijziging schriftelijk moet worden gedaan, is de mondelinge eiswijziging van [gedaagde] toelaatbaar. Omdat sprake is van een eisvermindering van € 778,50 naar € 757,25, ondervindt [partij A] van deze eiswijziging immers geen nadeel.
Verwerken financiële administratie 1e tm 3e kwartaal 2024, samenstellen jaarrapport”. [partij A] betwist niet dat deze kosten voor [gedaagde] waren voorkomen als hij de administratie van [gedaagde] aan Kubus zou hebben overdragen. Doordat [partij A] de administratie niet heeft overgedragen, heeft Kubus een deel van de door hem verrichte werkzaamheden opnieuw moeten uitvoeren en daarvoor bij [gedaagde] genoemde kosten in rekening moeten brengen. Daarmee staat vast dat [gedaagde] door het handelen van [partij A] schade heeft geleden. [partij A] moet deze schade in beginsel aan [gedaagde] vergoeden.
€ 300,- aan [partij A] te betalen. Op 14 april 2025 heeft [partij A] aan [gedaagde] laten weten met dit aanbod niet akkoord te gaan. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [partij A] verklaard dat hij niet bereid was de administratie van [gedaagde] aan Kubus te verstrekken, omdat hij van mening was dat [gedaagde] eerst de facturen 3057 en 3062 aan hem moest betalen.
€ 968,- inclusief btw aan [partij A] moet betalen en dat [gedaagde] daarvan € 500,- aan [partij A] heeft voldaan. Van een onverschuldigde betaling van [gedaagde] aan [partij A] is dan ook geen sprake.
5.28. [partij A] is in de procedure in reconventie grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) aan de zijde van [gedaagde] betalen.
De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
€ 72,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de
beslissing)
6.De beslissing
€ 216,-, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [partij A] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,