ECLI:NL:RBOVE:2026:974

Rechtbank Overijssel

Datum uitspraak
24 februari 2026
Publicatiedatum
25 februari 2026
Zaaknummer
11835107 \ CV EXPL 25-1433
Instantie
Rechtbank Overijssel
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:5 lid 1 BWArt. 6:265 lid 1 en 2 BWArt. 7:17 lid 1 en 2 BWArt. 7:18a lid 2 BWArt. 6:96 lid 1 en 2 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing ontbinding en vernietiging koopovereenkomst tweedehands auto wegens gebrek aan non-conformiteit en dwaling

Eiser kocht een tweedehands Volkswagen Golf 7 uit 2013 met een kilometerstand van 176.465 voor €7.650,00. Na aankoop ervoer hij problemen zoals verhoogd olieverbruik en een schurend geluid, waarna hij de koopovereenkomst buitengerechtelijk ontbond en de ontbinding wilde bekrachtigen dan wel vernietiging op grond van dwaling vorderde. Tevens vorderde hij schadevergoeding en proceskosten.

De kantonrechter stelde vast dat sprake was van een consumentenkoop en beoordeelde of de auto non-conform was en of dwaling bestond. Het door eiser overgelegde uitleesrapport was onvoldoende onderbouwd en toonde vooral problemen door ontladen accuspanning. Gedaagde betwistte de gebreken en stelde dat de problemen voortkwamen uit normale slijtage passend bij leeftijd en kilometerstand. Eiser had onvoldoende bewijs geleverd dat de auto niet aan de overeenkomst voldeed of een gevaar vormde voor de verkeersveiligheid.

Ook het beroep op dwaling werd verworpen omdat geen onjuiste of onvolledige mededelingen door gedaagde waren gedaan en de slijtage een normale omstandigheid was waar eiser rekening mee moest houden. De kantonrechter wees daarom alle vorderingen af en veroordeelde eiser tot betaling van de proceskosten van gedaagde.

Uitkomst: Vorderingen tot ontbinding en vernietiging van de koopovereenkomst wegens non-conformiteit en dwaling worden afgewezen; eiser wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: 11835107 \ CV EXPL 25-1433
Vonnis van 24 februari 2026
in de zaak van
[eiser],
te [woonplaats 1],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser],
gemachtigde: mr. H.J. Koop,
tegen
[gedaagde], handelend onder de naam [bedrijf],
te [woonplaats 2],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
gemachtigde: mr. A. Visser.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 29 juli 2025 met producties,
- het herstelexploot van 12 augustus 2025, waarbij een eerder ontbrekende productie bij dagvaarding wordt betekend;
- de conclusie van antwoord van 16 september 2025 met producties,
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,- de mondelinge behandeling van 9 januari 2026, waarbij partijen zijn verschenen, bijgestaan door de gemachtigde.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De inleiding: waar de zaak over gaat

[eiser] kocht een tweedehands auto bij [gedaagde]. [eiser] heeft na de koop problemen ervaren met de auto. [eiser] heeft de koopovereenkomst (buitengerechtelijk) ontbonden en vordert bij de kantonrechter om de ontbinding te bekrachtigen dan wel de overeenkomst te vernietigen op grond van dwaling. Verder vordert [eiser] betaling van de geleden vermogensschade en veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
De kantonrechter oordeelt dat de auto niet non-conform is, dat van dwaling door [eiser] geen sprake is en wijst de vorderingen van [eiser] af. De motivering van deze beslissing volgt hierna.

3.De feiten

3.1.
Op 24 juni 2024 heeft [eiser] een auto, Volkswagen Golf 7, bouwjaar 2013, met kenteken [kenteken] van [gedaagde] gekocht voor een koopsom van € 7.650,00. De auto had op dat moment 176.465 kilometer gereden.
3.2.
Op 10 september 2024 heeft [eiser] geconstateerd dat de auto veel olie verbruikt en ervaart [eiser] een vervelend en schurend geluid tijdens het rijden.
3.3.
Vanaf september 2024 staat de auto stil en wordt er niet meer met de auto gereden.
3.4.
Bij e-mail van 1 oktober 2024 (gedateerd 25 september 2024) heeft [eiser] een ingebrekestelling verstuurd aan [gedaagde]. Voor zover van belang staat in deze brief:
‘(…)
Helaas voldoet het product niet aan mijn verwachtingen.- Ik kwam er na een paar dagen al achter dat er motorschade is. En- De kwaliteit van het product sluit niet aan bij wat u beloofde.(…)
Ik vroeg u om het product te repareren. Daar hebt u niet in meegewerkt(…).
De schade was er al toen ik de auto kocht. U gaf aan dat dit klopt maar dat u dit niet had kunnen weten. Ik vroeg of ik met de auto kon blijven rijden of dat de schade zich dan zou uitbreiden. U gaf aan dat dit ik gewoon blijven rijden en dat de schade niet zou toenemen. Dat is niet het geval geweest. De schade is wél toegenomen en ik heb besloten om niet langer met de auto te rijden waardoor ik nu de auto dus niet meer kan gebruiken en ik zonder vervoer zit(…).
Via deze brief geef ik u een laatste kans om de problemen op te lossen. Ik vraag u vriendelijk om de auto alsnog binnen 2 weken te repareren(…)
Doet u dit niet of te laat? Dan ontbind ik de koopovereenkomst.(…)’.
3.5.
Bij e-mail van 28 oktober 2024 heeft [eiser] aan [gedaagde] -samengevat- laten weten de koopovereenkomst te ontbinden en daarmee de aankoop ongedaan te maken. [eiser] heeft [gedaagde] verzocht het aankoopbedrag over te maken, zodat hij daarna de auto terug kan brengen.
3.6.
Op 16 december 2024 heeft [eiser] de auto, bij een kilometerstand van 181.946 laten onderzoeken door Autodiagnose Twente. Onderaan het rapport staat, voor zover van belang:
‘(…)
Aanwezige fouten zijn voornamelijk veroorzaakt naar aanleiding van een ontladen accuspanning door het lange staan van het voertuig. In geringe mate zijn verbrandingsproblemen in cilinders opgetreden, welke niet dermate zijn geweest dat de voertuigfabrikant het nodig achte de bestuurder hierover te informeren d.m.v. een waarschuwingslampje. Dit heeft zich in ieder geval de laatste 5415 km niet voorgedaan.(…)’.
3.7.
Bij aangetekende brief van 28 januari 2025 schrijft de gemachtigde van [eiser] aan [gedaagde] onder meer:
‘(…)
Cliënt kampt met een verhoogd, abnormaal olieverbruik en een schurend/schavend geluid tijdens het rijden.(…)
Een eerste onderzoek heeft uitgewezen dat (gelukkig) geen sprake lijkt van motorische problemen. Er worden geen verbrandings- of compartimentsproblemen uitgelezen. Wel heeft ook de onderzoeker geconstateerd dat tijdens een testrit sprake is van een geluid en dat het mogelijk een probleem met de aandrijflijn betreft. Nader onderzoek zal dat uit moeten wijzen.(…)
Ondanks de eerder toegestuurde berichten stelt cliënt u voor de laatste maal in de gelegenheid het geconstateerde gebrek aan het voertuig (dat in ieder geval bestaat uit een schurend/schavend geluid)(…)
te herstellen. Daarvoor stel ik namens cliënt een termijn van 14 dagen na dagtekening van deze brief. Indien u daar niet toe over gaat is cliënt genoodzaakt tot ontbinding van de overeenkomst over te gaan.(…)’.
3.8.
Bij brief, gedagtekend 14 februari 2025, heeft [gedaagde] de gemachtigde van [eiser] bericht. Voor zover van belang staat in deze brief:
‘(…)
We hebben de auto voor een redelijke prijs aangeboden en ook garanties aangeboden van3 maanden, 6 maanden en zelfs voor een jaar, dat vond dhr. [eiser] allemaal teveel(…)
Dhr. [eiser] heeft een proefrit meegemaakt en de auto reed goed en heeft de auto akkoord bevonden zonder garantie en voor een scherpe meeneemprijs(…)
Na een maand kwam Dhr. [eiser] voor het olieverbruik en hebben we na diagnose een scherpe prijs voor de reparatie gegeven wat dhr [eiser] niet accepteerde en nadien niet meer weer gezien of gehoord(…)
De andere gebreken zijn ons onbekend. Gezien dat dhr. [eiser] de auto heeft gekocht tegen handelsprijs en geen garantie kunnen we de problemen niet kosteloos gaan oplossen.(…)’.
3.9.
Bij aangetekende brief van 6 maart 2025 heeft de gemachtigde van [eiser] de koopovereenkomst (buitengerechtelijk) ontbonden.

4.Het geschil

4.1.
[eiser] vordert - samengevat - dat de kantonrechter, uitvoerbaar bij voorraad:
I. de door [eiser] jegens [gedaagde] ingeroepen (buitengerechtelijke) ontbinding van de koopovereenkomst bekrachtigt, dan wel de overeenkomst vernietigt op grond van dwaling en [gedaagde] veroordeelt om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis de auto terug te nemen en binnen die termijn de kentekenregistratie van [eiser] beëindigt en [gedaagde] veroordeelt tot terugbetaling van de koopsom van € 7.650,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum vanaf de ingebrekestelling tot aan de dag van volledige betaling, op straffe van een dwangsom;
II. [gedaagde] veroordeelt tot betaling van de geleden vermogensschade en kosten ter vaststelling van de schade ex artikel 6:96 lid 1 en Pro 2 BW tot een totaalbedrag van € 2.437,80;
III. de vorderingen vermeerdert met de wettelijke rente vanaf de datum van dagvaarding tot aan de dag van volledige betaling, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten te vermeerderen met de wettelijke rente.
4.2.
[gedaagde] voert verweer.
4.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

5.De beoordeling

Consumentenkoop5.1. De kantonrechter stelt allereerst vast dat sprake is van een consumentenkoop als bedoeld in artikel 7:5 lid 1 van Pro het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). [eiser] heeft de auto immers als particulier gekocht van [gedaagde], die daarbij handelde in de uitoefening van zijn bedrijf. Dit betekent dat de wettelijke bepalingen met betrekking tot consumentenkoop op de overeenkomst van toepassing zijn.
5.2.
Het geschil tussen partijen spitst zich toe op de vraag of sprake is van non-conformiteit van de auto, of de koopovereenkomst terecht (buitengerechtelijk) is ontbonden en of [gedaagde] aansprakelijk is voor de (aanvullende) schade en de hoogte daarvan. De kantonrechter overweegt als volgt.
Juridisch kader
5.3.
Artikel 6:265 lid 1 BW Pro bepaalt dat iedere tekortkoming in de nakoming van een van haar verbintenissen aan de wederpartij de bevoegdheid geeft om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming gelet op haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. Lid 2 van dit artikel voegt daaraan toe dat voor zover nakoming niet tijdelijk of blijvend onmogelijk is, de bevoegdheid tot ontbinding pas ontstaat wanneer de schuldenaar in verzuim is.
5.4.
Op grond van het bepaalde in artikel 7:17 BW Pro moet de afgeleverde zaak aan de overeenkomst voldoen. In lid 2 van dit artikel staat dat een zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt indien deze, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Daarbij mag de koper verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet hoefde te betwijfelen. Op grond van vaste rechtspraak over de conformiteit van tweedehands auto’s, geldt dat een auto niet aan de overeenkomst beantwoordt, als de verkoper weet dat met de auto aan het verkeer zal worden deelgenomen, terwijl de auto een gevaar voor de verkeersveiligheid oplevert en sprake is van een gebrek dat niet op eenvoudige wijze kan worden ontdekt en hersteld . [1] Verder wordt bij een consumentenkoop op grond van artikel 7:18a lid 2 BW vermoed dat de zaak bij aflevering niet aan de overeenkomst heeft beantwoord, als de afwijking ten opzichte van de overeenkomst zich binnen één jaar na aflevering openbaart, tenzij de verkoper anders aantoont of de aard van de zaak of de aard van de afwijking zich daartegen verzet.
Non-conformiteit
5.5.
In deze zaak gaat het over een Volkswagen, type Golf 7, uit 2013. Op het moment van aankoop was de auto 11 jaar oud, had de auto een kilometerstand van 176.465 en is de auto gekocht voor een aankoopprijs van € 7.650,00. Op grond van de wet moet de auto conform zijn op het moment van aflevering.
5.6.
[eiser] heeft gewezen op een minimaal euvel met de airco, dat direct bij aankoop door [gedaagde] is verholpen. Verder heeft [eiser] gewezen op olieproblematiek, een schurend geluid en de gordel. Partijen discussiëren over de oorzaak van de problemen die [eiser] ervaart. Volgens [gedaagde] is er een probleem met de turbo, ontstaan door normale slijtage. [eiser] heeft geen onderzoek laten doen naar de oorzaak van de problemen, maar wijst er wel op dat de motor een bekende ‘probleemmotor’ is van de Volkswagen Golf. [eiser] heeft niet gesteld dat de auto een gevaar oplevert. Wel heeft [eiser] naar voren gebracht dat hij niet meer in de auto durft te rijden. [eiser] meent dat de gebreken eenvoudig ontdekt hadden kunnen worden, maar dat heeft [gedaagde] betwist. [gedaagde] heeft herstel aangeboden tegen betaling van € 1.000,00.
5.7.
Op grond van de hoofdregel van het bewijsrecht (artikel 150 Rv Pro) moet [eiser] gemotiveerd stellen en, bij voldoende betwisting, bewijzen dat de auto niet de eigenschappen bezit die zij op grond van de overeenkomst mocht verwachten. Pas als [eiser] daar aan voldoet, wordt het wettelijke bewijsvermoeden dat het gebrek al bij de aflevering van de auto bestond (artikel 7:18a lid 2 BW), relevant.
5.8.
De kantonrechter overweegt als volgt. [eiser] heeft niet gesteld dat er gevaar is voor de verkeersveiligheid, hij heeft enkel benoemd dat hij zelf niet meer in de auto durfde te rijden. Ten aanzien van de mogelijke gebreken aan de auto, heeft [eiser] weliswaar gesteld dat er problemen zijn met de auto, maar deze zijn onvoldoende gemotiveerd onderbouwd. Het door [eiser] overgelegde uitleesrapport van Autodiagnose Twente is naar het oordeel van de kantonrechter te mager, omdat de auto zelf niet is onderzocht. Dit klemt te meer nu in het uitleesrapport staat dat de aanwezige fouten voornamelijk zijn veroorzaakt naar aanleiding van een ontladen accuspanning door het lange stilstaan van het voertuig. Bovendien heeft [gedaagde] de gebreken gemotiveerd betwist, waarbij naar voren is gebracht dat de turbo de oorzaak lijkt, wat valt onder normale slijtage die past bij de leeftijd van de auto en de kilometerstand. Het had op de weg van [eiser] gelegen om de door hem gestelde gebreken beter te onderbouwen. Dat geldt in het bijzonder nu [eiser] tijdens de mondelinge behandeling heeft verklaard dat het door hem genoemde schurende geluid is ontstaan nadat hij is doorgereden nadat het motorstoringslampje begon te branden. Algemeen bekend is dat dit zeer schadelijk kan zijn voor een auto. Bij gebrek aan onderbouwing door [eiser], kan enkel worden vastgesteld dat er weliswaar iets aan de auto mankeert, maar niet wat daarvan de oorzaak is. Daardoor kan de kantonrechter niet vaststellen of het eventuele gebrek iets is dat [eiser] op basis van de koopovereenkomst (zonder aankoopkeuring of garantie) niet hoefde te verwachten. Ook kan de kantonrechter niet vaststellen of de auto een gevaar voor de verkeersveiligheid is.
5.9.
De conclusie is dat onvoldoende is komen vast te staan dat sprake is van gebreken aan de auto die een gevaar voor de verkeersveiligheid opleveren dan wel dat de auto niet voldeed aan de verwachtingen die [eiser] van de auto mocht hebben.
Het voorgaande betekent dat het beroep op non-conformiteit strandt en er geen rechtsgrond voor ontbinding van de koopovereenkomst bestaat.
Dwaling5.10. [eiser] vordert subsidiair dat de koopovereenkomst wordt vernietigd op grond van dwaling. Volgens [eiser] heeft [gedaagde] onjuiste en onvolledige mededelingen gedaan over de staat van de auto en de mededeling over het verhoogde olieverbruik van het type motor. [gedaagde] heeft dat betwist. Niet alleen betoogt [gedaagde] geen onjuiste mededelingen te hebben gedaan, ook heeft hij geen mededelingsplicht geschonden. Volgens [gedaagde] is slijtage een toekomstige omstandigheid waarmee [eiser] rekening had moeten houden.
5.11.
De kantonrechter is van oordeel dat van dwaling geen sprake is. De (oorzaak van de) problemen zoals door [eiser] gesteld, zijn niet aangetoond. Het probleem zoals dat door [gedaagde] is erkend (de turbo), valt onder de gebruikelijke slijtage zoals dat hoort bij een tweedehands auto van deze leeftijd met deze kilometerstand.
Conclusie5.12. Uit de bovenstaande rechtsoverwegingen is gebleken dat geen sprake is van een non-conforme auto op grond waarvan de koopovereenkomst (buitengerechtelijk) ontbonden kon worden. Ook is er geen sprake van dwaling. Dit betekent dat de vorderingen van [eiser] om de (buitengerechtelijke) ontbinding van de koopovereenkomst te bekrachtigen dan wel de overeenkomst te vernietigen op grond van dwaling, worden afgewezen. Dit betekent ook dat de vordering tot betaling van de door [eiser] geleden vermogensschade en kosten ter vaststelling van de schade wordt afgewezen.
Proceskosten
5.13.
[eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten van [gedaagde] betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op € 864,00 (twee keer een punt salaris gemachtigde, € 432,00 per punt per 1 februari 2026) en op € 144,00 nakosten.

6.De beslissing

De kantonrechter
6.1.
wijst de vorderingen af;
6.2.
veroordeelt [eiser] tot betaling van de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op € 1.008,00.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. A.M. van Diggele en in het openbaar uitgesproken op
24 februari 2026.

Voetnoten

1.Zie o.a. HR 8 juli 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT3097.