ECLI:NL:RBROE:2000:AA6432
Rechtbank Roermond
- Voorlopige voorziening
- E.J.A. Bakermans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Roerdalen waarin zijn bezwaarschrift deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond werd verklaard. Tevens verzocht verzoeker de president van de rechtbank om een voorlopige voorziening te treffen op grond van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Tijdens de zitting verschenen verzoeker noch zijn gemachtigde niet, ondanks een deugdelijke uitnodiging. Het verzoekschrift gaf geen duidelijkheid over het spoedeisend belang van het verzoek noch over de aard en strekking van de gevraagde voorlopige voorziening. De president concludeerde dat niet was voldaan aan het vereiste van onverwijlde spoed.
Daarom wees de president het verzoek af wegens kennelijk onredelijk gebruik van het procesrecht. Verzoeker werd veroordeeld in de proceskosten die door de andere partijen redelijkerwijs zijn gemaakt. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en onduidelijkheid, met veroordeling in proceskosten.