ECLI:NL:RBROE:2000:AA7756
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Werkgeverschap en belanghebbendheid bij toekenning arbeidsongeschiktheidsuitkering
Eiseres, een assurantiekantoor, betwist dat zij op 2 juli 1998 als werkgever van A kan worden aangemerkt, de eerste ziektedag van A. A was in dienst getreden voor tijdelijke ziektevervanging, maar had op die dag haar dienstverband willen beëindigen. Verweerder, het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv), had eiseres als belanghebbende aangemerkt bij het besluit tot toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering aan A. Dit was relevant vanwege de premiedifferentiatie.
De rechtbank stelt vast dat de bezwaren van eiseres zich uitsluitend richten tegen de aanmerkingsvraag als werkgever en niet tegen de mate van arbeidsongeschiktheid of hoogte van de uitkering. De rechtbank oordeelt dat eiseres voldoende belang heeft om dit te betwisten, omdat dit gevolgen kan hebben voor de premie.
De rechtbank concludeert dat eiseres op 2 juli 1998 niet als werkgever kan worden aangemerkt, mede omdat A die dag enkel verscheen om haar dienstverband te beëindigen en het werkbriefje slechts uit fatsoen werd getekend. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom zij van standpunt veranderde ten opzichte van een eerder besluit waarin werd aangenomen dat geen werkgeverschap bestond. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit dat eiseres als belanghebbende aanmerkte.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit dat eiseres als werkgever en belanghebbende aanmerkte.