ECLI:NL:RBROE:2002:AE3584
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.P.C.M. Bruinsma
- Rechtspraak.nl
Geschil over voortzetting en beëindiging van overeenkomst van opdracht voor vervaardiging Kamerkrant
Partijen sloten op 4 juli 1996 een overeenkomst van opdracht voor zes maanden voor werkzaamheden aan de Kamerkrant. In de jaren daarna werden jaarlijks nieuwe opdrachten verstrekt op basis van offertes van Lance, die door de Kamer van Koophandel werden goedgekeurd. In 2001 voerde Lance geen werkzaamheden meer uit en vorderde betaling over die periode.
Lance stelde dat de overeenkomst stilzwijgend was voortgezet als duurovereenkomst en dat een medewerker van de Kamer van Koophandel een toezegging had gedaan voor een opdracht in 2001. De Kamer van Koophandel betwistte dit en stelde dat er slechts sprake was van afzonderlijke jaaropdrachten, die voor 2001 niet waren verstrekt.
De rechtbank oordeelde dat de samenwerking bestond uit opeenvolgende opdrachten en niet uit een duurovereenkomst. De Kamer van Koophandel hoefde de samenwerking niet formeel op te zeggen en was niet schadeplichtig wegens het ontbreken daarvan. De rechtbank stond Lance toe bewijs te leveren over de vermeende toezegging voor 2001 en hield verdere beslissing aan.
De zaak werd verwezen naar een rolzitting voor het plannen van getuigenverhoren, waarbij de rechtbank de bewijsopdracht en verdere procedure aanhield. Hiermee werd een definitieve uitspraak over de vordering uitgesteld.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en staat Lance toe bewijs te leveren over de vermeende toezegging voor een opdracht in 2001.