ECLI:NL:RBROE:2003:AN7738
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H.J.M. Mertens-Steeghs
- F. Oelmeijer
- D.C.M. Bomans
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel door leidinggevende drugspanden
Een bedrijf verhuurt meerdere panden, waarvan twee panden werden gebruikt voor de handel in softdrugs. Ondanks kennis van deze illegale activiteiten en verzoeken van onder andere de gemeente, ondernam het bedrijf geen actie om dit te stoppen. De leidinggevende van het verhuurbedrijf werd veroordeeld wegens feitelijk leidinggeven aan een rechtspersoon die medeplichtig was aan de drugshandel.
De rechtbank stelde vast dat de huuropbrengsten uit deze panden als wederrechtelijk verkregen voordeel moesten worden aangemerkt. Hierbij werd aangesloten bij de periode waarin de leidinggevende zeker wist van de illegale handel en de opgegeven inkomsten uit verhuur aan de belastingdienst. Het voordeel werd vastgesteld op €141.382,60.
De verdediging voerde onder meer aan dat het onderzoek te lang had geduurd en dat het bewijs onrechtmatig was verkregen door onrechtmatige binnentreding van politie en Huurcommissie. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat de redelijke termijn niet was overschreden en dat het belang van de verdachte niet was geschaad door het betreden van de panden.
De rechtbank legde de verplichting op tot betaling van het bedrag aan de Staat, bij gebreke waarvan hechtenis voor 745 dagen volgt. De beslissing is gebaseerd op artikelen 24d en 36e van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Leidinggevende veroordeeld en verplicht tot betaling van €141.382,60 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.