ECLI:NL:RBROE:2004:AR6798
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.M. Koopmans
- M.J.A.G. van Baal
- C.C.W.M. Aretz
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en veroordeling voor verkeersovertreding met lichte aanrijding fietsster
Op 12 juli 2004 reed verdachte met een vrachtwagen in Horst aan de Maas en reed stapvoets een voorrangsweg op, waarbij hij een van links komende fietsster aanreed. De rechtbank achtte niet bewezen dat verdachte aanmerkelijke schuld had aan het verkeersongeval, mede omdat de vrachtwagenspiegel het zicht op de fietsster deels belemmerde en de aanrijding bij zeer geringe snelheid plaatsvond. Verdachte werd daarom vrijgesproken van de primaire tenlastelegging.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte de voorrangsweg opreed terwijl een fietsster zo dicht was genaderd dat een aanrijding ontstond, wat een overtreding van artikel 5 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 opleverde. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €500 en een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid voor zes maanden met een proeftijd van twee jaar.
De rechtbank hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zijn eerdere onbestrafte verleden en het feit dat hij contact had onderhouden met de nabestaanden van het slachtoffer. De straf is mede bedoeld om de ernst van de overtreding te benadrukken en herhaling te voorkomen.
De dagvaarding was geldig, de rechtbank bevoegd en de officier van justitie ontvankelijk. Het bewijs bestond uit getuigenverklaringen, foto’s van het uitzicht vanuit de vrachtwagen en gegevens van de tachograafschijf. De rechtbank oordeelde dat de verkeersfout onvoldoende was voor aanmerkelijke schuld in de zin van artikel 6 Wegenverkeerswet Pro 1994, maar wel voor een strafbare overtreding.
Het vonnis werd uitgesproken op 7 december 2004 door de meervoudige kamer van de rechtbank Roermond.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van aanmerkelijke schuld maar veroordeeld voor verkeersovertreding met geldboete en voorwaardelijke rijontzegging.