ECLI:NL:RBROE:2005:AT7621
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H.J. Frénay
- C.M.W. Nobis
- W.A.H.J. Poppeliers
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging moord en veroordeling poging doodslag na bewijsuitsluiting wegens schending recht op advocaat
Op 11 december 2004 sloeg verdachte met een bijl meerdere malen op het lichaam van haar echtgenoot, terwijl deze in slaaptoestand was. Verdachte werd aanvankelijk verdacht van poging moord, maar de rechtbank achtte dit niet wettig en overtuigend bewezen vanwege het ontbreken van kalm beraad en rustig overleg.
De politie had verdachte na haar inverzekeringstelling onrechtmatig verhoord zonder haar uitdrukkelijk te informeren over haar recht op een advocaat en de mogelijkheid om geen verklaring af te leggen totdat zij een advocaat had geregeld. Hierdoor werden verklaringen van verdachte vanaf 11 december tot 14 december 2004 uitgesloten als bewijs.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van poging doodslag, waarbij verdachte de aanmerkelijke kans aanvaardde haar echtgenoot te doden. De raadsvrouw voerde psychische overmacht aan, maar dit werd verworpen omdat verdachte redelijkerwijs weerstand had kunnen bieden aan de drang tot geweld.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 30 maanden, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis. De in beslag genomen bijl werd onttrokken aan het verkeer en overige voorwerpen werden teruggegeven aan de rechtmatige eigenaar.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van poging moord en veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf voor poging doodslag met bewijsuitsluiting van verklaringen wegens schending recht op advocaat.