ECLI:NL:RBROE:2006:AY9129
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvrijwillige verklaring en onvoldoende bewijs in seksueel delict
De rechtbank Roermond behandelde een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van een seksueel delict gepleegd tussen augustus 1995 en oktober 1996. De tenlastelegging betrof het dwingen van een minderjarig meisje tot seksuele handelingen onder bedreiging en geweld.
Tijdens het onderzoek stelde de verdediging dat de verklaring van verdachte, afgelegd op 30 november 2005, niet in vrijheid was gegeven. De rechtbank constateerde dat verdachte bij aanvang van het verhoor gespannen en emotioneel was, mede door het afgaan van het brandalarm in het cellencomplex en een traumatische jeugdervaring met brand, bevestigd door een psychiatrisch rapport. Desondanks werd het verhoor op indringende wijze voortgezet, wat de rechtbank onaanvaardbaar achtte.
Daarnaast bevatte het verhoor daderinformatie verstrekt door de verbalisanten, wat de betrouwbaarheid van de verklaring verder ondermijnde. De feiten die verdachte beschreef week volledig af van de omschrijving door de aangeefster. De rechtbank achtte het niet uitgesloten dat de aangeefster zich vergist had in de feitelijkheden.
Gezien deze omstandigheden oordeelde de rechtbank dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kon worden en sprak verdachte vrij. De dagvaarding was geldig, de rechtbank bevoegd en de officier van justitie ontvankelijk, maar het bewijs ontbrak.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens het ontbreken van een in vrijheid afgelegde verklaring en onvoldoende bewijs voor het ten laste gelegde seksueel delict.