ECLI:NL:RBROE:2006:AY9356
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslagambtenaar na beëindiging tijdelijk contract en beoordeling bezwaar eervol ontslag
Eiser was ambtenaar met een tijdelijke aanstelling die liep tot 15 augustus 2004. Verweerder besloot de aanstelling niet te verlengen en er werd een minnelijke regeling getroffen waarbij eiser akkoord ging met eervol ontslag per 16 augustus 2004.
De rechtbank oordeelt dat op 15 augustus 2004 de aanstelling van eiser van rechtswege eindigde, waardoor hij op 16 augustus 2004 geen ambtenaar meer was. De brief van verweerder van 8 september 2004 kan daarom niet worden gezien als een besluit met publiekrechtelijke rechtsgevolgen. Ook de brief van 21 december 2004 waarin het eervol ontslag werd 'vervallen geacht' is geen besluit in de zin van de Awb.
De rechtbank verklaart zich onbevoegd om te oordelen over het subsidiaire betoog dat er een civielrechtelijke arbeidsovereenkomst zou zijn ontstaan. Het bezwaar van eiser tegen de brieven van 21 december 2004 wordt niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is gegrond, het bestreden besluit wordt vernietigd en de rechtbank neemt zelf het besluit tot niet-ontvankelijkheid. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.