ECLI:NL:RBROE:2007:BA3944
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit Arbeidstijdenwet wegens schending zorgvuldigheidsbeginsel en herziening boetebedrag
Eiser, werkzaam als chauffeur bij een transportbedrijf, kreeg een boete van €3.520 opgelegd wegens overtredingen van de Arbeidstijdenwet over de periode 7 november tot en met 4 december 2005. De rechtbank oordeelt dat een overtreding die buiten deze periode viel niet meegenomen mag worden, wat een schending van het zorgvuldigheidsbeginsel inhoudt. Tevens werd het bezwaar van eiser tegen de boete ongegrond verklaard, maar de rechtbank vernietigt dit besluit vanwege de onjuiste feitelijke grondslag.
De rechtbank stelt vast dat verweerder bevoegd was om de boete op te leggen en dat het beginsel van hoor en wederhoor niet is geschonden, aangezien eiser de mogelijkheid had een zienswijze in te dienen maar hiervan geen gebruik maakte. De proportionaliteit en evenredigheid van de boete worden door de rechtbank aanvaard, evenals de toepassing van de beleidsregel boeteoplegging.
Uiteindelijk vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en stelt zij zelf een boete vast van €3.300, gebaseerd op drie overtredingen met een boete van €220 en zes overtredingen met een boete van €440. Daarnaast veroordeelt de rechtbank de Staat tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het boetebesluit wordt vernietigd en de boete vastgesteld op €3.300.