ECLI:NL:RBROE:2008:BC3007
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M.H. Rijken-Lie
- Rechtspraak.nl
Weigering Verklaring Omtrent het Gedrag voor touringcarchauffeur na zedendelict
Eiser, een touringcarchauffeur, verzocht om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG), welke door verweerder werd geweigerd op grond van eerdere zedendelicten en het risico voor de samenleving. Eiser stelde dat het specifieke screeningsprofiel voor taxichauffeurs onterecht op hem werd toegepast, omdat hij geen taxichauffeur maar buschauffeur is, en dat de brief van 9 januari 2007 niet van toepassing was.
De rechtbank oordeelde dat de brief van 9 januari 2007 niet van toepassing is op de functie van touringcarchauffeur, omdat deze niet valt onder artikel 249 Sr Pro, dat betrekking heeft op personen met een zorg- of waakzaamheidsrelatie. Wel was het toepassen van het screeningsprofiel voor taxichauffeurs, hoewel summier gemotiveerd, redelijk omdat een buschauffeur ook verantwoordelijk is voor het welzijn en de veiligheid van passagiers.
Verder concludeerde de rechtbank dat het eerdere vonnis en de aard van de zedendelicten een reëel risico voor de samenleving vormen dat afgifte van de VOG in de weg staat. De belangen van eiser, waaronder zijn leeftijd en ziekte, wogen minder zwaar. Ook de eerdere afgifte van een VOG in 2002 was niet relevant vanwege gewijzigde regelgeving en het ontbreken van toenmalige veroordelingen.
Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit werd niet-ontvankelijk verklaard, en het beroep tegen het bezwaarbesluit ongegrond. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de VOG wordt ongegrond verklaard en de weigering bevestigd.