ECLI:NL:RBROE:2008:BC3760
Rechtbank Roermond
- Raadkamer
- J.A.G.F. Custers
- F.R. Soutendijk
- R.H.A.M. Beaumont
- Rechtspraak.nl
Rechter-commissaris mag getuige horen ondanks bezwaren over welzijn
De rechtbank Roermond behandelde een bezwaarschrift van verdachte tegen de beslissing van de rechter-commissaris om een minderjarige getuige niet te horen. De rechter-commissaris baseerde haar weigering op mogelijke risico's voor de gezondheid en het welzijn van de getuige, onderbouwd met brieven van de ouders en de huisarts.
De verdediging stelde dat de rechter-commissaris niet bevoegd was om op grond van artikel 208 Sv Pro een afweging te maken bij een gesloten verwijzingsopdracht van de meervoudige kamer. Ook vond zij dat een deskundige het gezondheidsrisico moest vaststellen. De officier van justitie steunde de beslissing van de rechter-commissaris en vond het belang van de verdediging om de getuige te horen beperkt.
De rechtbank oordeelde dat de rechter-commissaris wel bevoegd was om een afweging te maken op grond van artikel 208, tweede lid, Sv, en dat de bezwaren schriftelijk en gemotiveerd waren meegedeeld. Echter, op basis van de feiten en de tijd die verstreken was sinds de verklaring van de getuige, achtte de rechtbank het onvoldoende aannemelijk dat er nog een actueel gevaar voor gezondheid of welzijn bestond.
Daarom verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift gegrond, vernietigde de beslissing van de rechter-commissaris en beval dat de getuige alsnog gehoord wordt. Hiermee werd het belang van een volledige waarheidsvinding en het horen van een cruciale getuige zwaarder gewogen dan de vermoedelijke risico's.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de beslissing van de rechter-commissaris en beveelt het horen van de getuige.