ECLI:NL:RBROE:2008:BD4254
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.M. Schelfhout
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verklaring geschiktheid rijbewijs groep 2 wegens onvoldoende belangenafweging
Eiser heeft op 10 juli 2007 een aanvraag ingediend voor een verklaring van geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen van de categorieën C, C+E, D en D+E (groep 2). Na keuring door een oogarts bleek dat zijn rechteroog een gecorrigeerde visus van 0,05 heeft, wat onder de norm valt. Het CBR weigerde daarom de verklaring en verklaarde het bezwaar van eiser ongegrond.
Eiser voerde aan dat hij sinds 1959 in het bezit is van een groot rijbewijs en dat de overgangsregeling van toepassing is, waardoor de normen van toen gelden. Het CBR kon de richtlijnen van 1959 niet overleggen en paste de richtlijnen van 1966 toe, die strenger zijn. De rechtbank oordeelt dat het CBR onvoldoende heeft aangetoond dat de richtlijnen van 1966 ook in 1959 golden en dat de belangen van eiser onvoldoende zijn meegewogen.
De rechtbank stelt dat de overgangsregeling geldt en dat het CBR een adequate belangenafweging moet maken, mede gelet op de uitzonderingsmogelijkheid voor een geografisch beperkt rijbewijs na een rijtest. Daarom wordt het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het CBR opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij rekening wordt gehouden met het resultaat van de rijtest. Tevens wordt het CBR veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van het CBR om de verklaring van geschiktheid te weigeren wordt vernietigd en het CBR wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.