ECLI:NL:RBROE:2008:BE9168

Rechtbank Roermond

Datum uitspraak
27 augustus 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
81240 / HA ZA 07 - 622
Instantie
Rechtbank Roermond
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 57 EG-Verordening 44/2001Art. 43, vijfde lid EG-Verordening 44/2001
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitvoerbaarverklaring Duitse notariële akte geweigerd wegens strijd met Nederlandse openbare orde

In deze civiele zaak heeft de rechtbank Roermond op 27 augustus 2008 geoordeeld over het verzet van opposante tegen de uitvoerbaarverklaring van een Duitse notariële akte. De akte betrof een koopovereenkomst van onroerend goed in Duitsland, die door geopposeerde was ingediend voor executie in Nederland.

Opposante stelde dat de akte haar realiteitswaarde had verloren omdat het verkochte onroerend goed inmiddels openbaar was verkocht aan een derde partij, waardoor geopposeerde niet langer kon presteren. Dit zou betekenen dat de betalingsverplichting van opposante niet langer geldig was en dat tenuitvoerlegging in Nederland in strijd zou zijn met de openbare orde.

De rechtbank oordeelde dat de uitvoerbaarverklaring slechts kan worden ingetrokken als de tenuitvoerlegging kennelijk strijdig is met de openbare orde. Gezien de feitelijke situatie dat het onroerend goed was verkocht aan een hypotheekhouder en de koopovereenkomst niet meer kon worden nagekomen, was de uitvoerbaarverklaring niet langer mogelijk zonder strijd met de Nederlandse rechtsorde.

Daarom vernietigde de rechtbank de eerdere beschikking tot uitvoerbaarverklaring, weigerde de uitvoerbaarverklaring opnieuw en veroordeelde geopposeerde in de proceskosten. Tevens werden de op grond van de eerdere beschikking gelegde beslagen opgeheven en verdere executiemaatregelen verboden.

Uitkomst: De rechtbank vernietigt de uitvoerbaarverklaring van de Duitse notariële akte wegens strijd met de Nederlandse openbare orde en verbiedt verdere executiemaatregelen.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK ROERMOND
Sector civielrecht
zaaknummer / rolnummer: 81240 / HA ZA 07-622
Vonnis van 27 augustus 2008
in de zaak van
[opposante],
wonende te [woonplaats],
opposante,
procureur mr. M.F.J.J.M. Tijssen,
tegen
[geopposeerde],
wonende te [woonplaats],
geopposeerde,
procureur mr. J.H. van Seters.
Partijen zullen hierna [opposante] en [geopposeerde] genoemd worden.
Het verloop van de procedure
[opposante] is in verzet gekomen tegen de door de rechtbank op 18 april 2007 gegeven beschikking en heeft haar verzetdagvaarding op 22 mei 2007 aan [geopposeerde] betekend.
[geopposeerde] heeft een conclusie van antwoord genomen.
[opposante] heeft een conclusie van repliek ingediend.
[geopposeerde] heeft een conclusie van dupliek genomen.
De rechtbank heeft het vonnis nader bepaald op heden.
De beoordeling
[geopposeerde] heeft op de voet van artikel 57 van Pro de EG-Verordening nr.44/2001 van 22 december 2001 betreffende, voorzover van belang de tenuitvoerlegging van authentieke akten (verder te noemen: Vo), bij deze rechtbank een verzoek ingediend tot het verkrijgen van een uitvoerbaarverklaring van een notariële akte d.d. 19 augustus 2003 verleden voor notaris B. Zimmermann te Wassenberg (Duitsland). De rechtbank heeft bij beschikking d.d. 18 april 2007 de beslissing uitvoerbaar verklaard in Nederland en [opposante] in de proceskosten veroordeeld.
Volgens artikel 43, vijfde lid Vo kan tegen die beschikking binnen één maand na de betekening ervan een rechtsmiddel worden aangewend. Uit de stukken blijkt dat de beschikking op 23 april 2007 aan [geopposeerde] is betekend. Dat [geopposeerde] eerder heeft geweten van het bestaan van de beschikking zonder overigens de inhoud ervan te kennen, is in deze niet relevant, zodat daaraan voorbij wordt gegaan. Met de verzetdagvaarding die op 22 mei 2007 werd betekend, is [geopposeerde] tijdig in verzet gekomen. [geopposeerde] is ontvankelijk in haar verzet tegen de beschikking.
Bij de inhoudelijke toetsing van de door [geopposeerde] tegen de beschikking ingediende bezwaren, is de rechtbank gebonden aan de in artikel 57, eerste lid, neergelegde maatstaf te weten: de verklaring van uitvoerbaarheid wordt slechts ingetrokken “indien de tenuitvoerlegging van de authentieke akte kennelijk strijdig is met de openbare orde van de aangezochte lidstaat”.
Uitgangspunt bij deze aan te leggen toets is dat de notariële akte d.d. 19 augustus 2003 inhoudende een ten overstaan van de genoemde notaris vastgelegde koopovereenkomst tussen partijen met betrekking tot een bepaald in Duitsland gelegen onroerend goed op 20 oktober 2006 door dezelfde notaris ten behoeve van [geopposeerde] is voorzien van een verklaring “zum Zwecke der Zwangsvollstreckung” waaruit volgt dat de notariële akte in Duitsland tegen [opposante] ten uitvoer kan worden gelegd.
Het betoog van [opposante] komt erop neer dat de uitvoerbaarverklaring en executie van de notariële akte in strijd komt met de openbare orde omdat – kort gezegd – door hetgeen na ondertekening van de betreffende akte is geschied inmiddels vaststaat dat hetgeen waarvoor de koopster [opposante] wordt gedwongen te betalen niet meer door [geopposeerde] aan haar kan worden geleverd. Volgens [opposante] kan zonder onderzoek naar de juistheid van de akte worden vastgesteld dat deze akte haar realiteitswaarde heeft verloren in het bijzonder door de openbare verkoop aan en eigendomsovergang van de onroerende zaak naar de Kreissparkasse Heinsberg te Erkelenz . Daarvan blijkt uit een besluit d.d. 29 oktober 2007 van het Amtsgericht te Heinsberg. Waar volgens [opposante] vast staat dat [geopposeerde] niet (meer) kan presteren, vervalt ook de uit de akte blijkende betalingsverplichting van [opposante].
Die uit de notariële akte blijkende verplichting van [opposante] tot betaling van de koopsom van EUR 200.000 met rente is thans van generlei waarde meer. Tenuitvoerlegging daarvan in Nederland zou dan ook op onaanvaardbare wijze met de Nederlandse rechtsorde strijden omdat inbreuk wordt gemaakt op een fundamenteel beginsel van executierecht. [opposante] concludeert haar te ontheffen van de beschikking d.d. 18 april 2007, de op basis daarvan door [geopposeerde] gelegde beslagen op te heffen en [geopposeerde] te verbieden verdere executiemaatregelen te nemen met veroordeling van [geopposeerde] in de proceskosten.
[geopposeerde] heeft het betoog van [opposante] gemotiveerd bestreden en op hetgeen hij naar voren heeft gebracht, wordt – voorzover nodig – hierna ingegaan. [geopposeerde] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [opposante] met diens veroordeling in de proceskosten.
De rechtbank oordeelt over hetgeen partijen verdeeld houdt als volgt.
In deze zaak is nadat de betreffende notaris in oktober 2006 zijn notariële akte ten behoeve van [geopposeerde] heeft voorzien van de toevoeging “zum Zwecke der Zwangsvollstreckung” en nadat de Nederlandse rechter de uitvoerbaarverklaring heeft verleend, eerst in oktober 2007 het in eigendom van [geopposeerde] en aan [opposante] verkochte openbaar verkocht aan de hypotheekhoudende Bank. Dat betekent dat de essentie van hetgeen waartoe de koopovereenkomst, belichaamd in de notariële akte, partijen over en weer heeft verplicht - te weten: de betaling van de koopsom door [opposante] en de daar tegenover staande verplichting tot onbezwaarde levering van het gekochte door [geopposeerde] - niet langer meer kan worden gerealiseerd. [geopposeerde] stelt weliswaar recht te hebben op de koopsom, de rente daarover, de kosten van juridische bijstand, voorgeschoten gemeentelijke belastingen en zo verder maar de grondslag daarvan kan niet langer gelegen zijn in nakoming van de koopovereenkomst zoals [geopposeerde] heeft betoogd.
Hetgeen is overwogen, leidt tot het oordeel dat de tenuitvoerlegging van de notariële akte in Nederland, zoals door [geopposeerde] verzocht, thans in strijd zou komen met hetgeen na de uitvoerbaarverklaring is komen vast te staan. In die zin is die uitvoerbaarverklaring van de notariële akte niet langer mogelijk. Anders gezegd de uitvoerbaarverklaring komt in strijd met de materiële waarheid en juridische werkelijkheid en zou daarmee in strijd komen met de Nederlandse rechtsorde. De vorderingen van [opposante] liggen dan ook voor toewijzing gereed op de wijze als in het dictum bepaald.
De beslissing
De rechtbank:
Vernietigt de tussen partijen door deze rechtbank op 18 april 2007 gewezen beschikking (zaaknummer 79118 Hark 07-118) en opnieuw rechtdoende:
Weigert de verzochte uitvoerbaarverklaring in Nederland van de betreffende Duitse notariële akte d.d. 19 januari 2003
Veroordeelt [geopposeerde] in de proceskosten aan de zijde van [opposante] gerezen en begroot deze op EUR 1.447,31 (waarvan deurwaarderskosten EUR 292,31 griffierecht EUR 251 en salaris procureur EUR 904)
Heft de door [geopposeerde] op grond van de beschikking d.d. 18 april 2007 gelegde beslagen op en verbiedt [geopposeerde] tot het treffen van verdere executiemaatregelen op grond van bedoelde notariële akte d.d. 19 augustus 2003 in de zin zoals door [geopposeerde] in deze procedure gevraagd
Verklaart deze beslissing tot zover uitvoerbaar bij voorraad
Wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.H.J. Frénay en in het openbaar uitgesproken op 27 augustus 2008.?