ECLI:NL:RBROE:2008:BG5107
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.P. Bosma
- W.A.H.J. Poppeliers
- E.J.H.G. van Binnebeke
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid uitlevering ter vervolging voor mensenhandel ondanks lopend hoger beroep in verzoekende staat
De rechtbank Roermond behandelde het verzoek van de Albanese Republiek tot uitlevering van een persoon verdacht van mensenhandel. Uit het onderzoek bleek dat het vonnis van de Albanese rechtbank van 24 juli 2008 nog niet onherroepelijk was omdat hoger beroep was ingesteld. Hierdoor kon geen executie-uitlevering plaatsvinden, maar wel een vervolgingsuitlevering.
De rechtbank stelde vast dat het feit waarvoor uitlevering werd gevraagd strafbaar is in zowel Albanië als Nederland, waarbij het in Nederland valt onder mensenhandel zoals omschreven in artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht. De verdediging voerde onder meer aan dat de verdachte onschuldig is en dat het proces in Albanië niet aan de fair trial beginselen voldeed, mede omdat een rechter was geschorst en de advocaat niet adequaat kon pleiten.
De rechtbank verwierp deze verweren. Zij ging uit van het vertrouwensbeginsel dat deelnemende staten aan het Europees uitleveringsverdrag de beginselen van het EVRM naleven. Bovendien werd het lopende hoger beroep in Albanië meegewogen, waardoor de verdachte alsnog een eerlijk proces kan krijgen. De disciplinaire schorsing van een rechter werd onvoldoende onderbouwd om schending van het procesrecht aan te nemen.
De rechtbank verklaarde de uitlevering toelaatbaar ter vervolging van de verdachte voor het strafbare feit zoals omschreven in het bevel tot aanhouding van 5 december 2007. De uitlevering betreft een vervolgingsuitlevering en niet een executie-uitlevering, omdat het vonnis nog niet definitief is.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de uitlevering toelaatbaar ter vervolging ondanks het lopende hoger beroep in Albanië.