ECLI:NL:RBROE:2008:BG7112
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.C.G. Brants
- R.H.A.M. Beaumont
- M.M.T. Coenegracht
- Rechtspraak.nl
Hoofdverblijfplaats kinderen bij vader na afwijzing verhuizing naar Italië
Moeder verzocht de rechtbank om vervangende toestemming voor de verhuizing van haar kinderen naar Italië, omdat vader de zorg niet wilde overnemen. Vader en de kinderen verzetten zich tegen deze verhuizing. Tijdens de zitting werd ook een aanvullend verzoek van moeder behandeld om de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij vader te bepalen.
De rechtbank constateerde dat alle betrokkenen, inclusief de kinderen zelf, tegen de verhuizing naar Italië waren en dat dit niet in het belang van de kinderen was. Het verzoek van moeder tot toestemming voor verhuizing werd daarom afgewezen. Het verzoek van vader om moeder te verbieden naar het buitenland te verhuizen werd eveneens afgewezen, omdat daarvoor geen wettelijke grondslag bestaat.
De rechtbank oordeelde dat de hoofdverblijfplaats van de kinderen niet langer bij moeder kon blijven gezien haar voorgenomen vertrek naar Italië. Vader gaf aan onder druk bereid te zijn de zorg voor de kinderen op zich te nemen en naar Nederland te verhuizen. Daarom werd de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij vader vastgesteld. Het verzoek tot nakoming van de omgangsregeling werd afgewezen, waarbij de ouders werd geadviseerd de omgang in onderling overleg te regelen.
Uitkomst: De hoofdverblijfplaats van de kinderen wordt bij vader vastgesteld en het verzoek tot verhuizing naar Italië wordt afgewezen.