ECLI:NL:RBROE:2008:BG8993
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.C.G. Brants
- Rechtspraak.nl
Ondertoezichtstelling minderjarige wegens zorgen over sociaal-emotionele ontwikkeling en opvoedingsonmacht vader
De Raad voor de Kinderbescherming heeft een verzoek ingediend tot ondertoezichtstelling van een minderjarige, omdat er ernstige zorgen bestaan over diens sociaal-emotionele ontwikkeling en de opvoedingsonmacht van de vader. De vader erkent de problemen niet en verzet zich tegen de maatregel, terwijl de school en de raad de situatie als zorgelijk omschrijven.
Tijdens de zitting op 16 december 2008 zijn de standpunten van de betrokken partijen besproken. De stichting stelt dat er regelmatig contact is geweest met de gezinsvoogd en dat er positieve ontwikkelingen zijn, maar deelt niet de mate van zorgen die de raad uit. De vader benadrukt dat hij de situatie van de minderjarige niet problematisch vindt en vreest dat de maatregel belastend zal zijn.
De kinderrechter overweegt dat de voorwaarden voor ondertoezichtstelling volgens artikel 1:254 lid 1 BW Pro zijn vervuld, mede gelet op het emotionele isolement van de minderjarige en het gebrek aan vrijwillige hulpverlening. Daarom wordt de ondertoezichtstelling voor een jaar verlengd en wordt de beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kinderrechter stelt de minderjarige onder toezicht van de Stichting Bureau Jeugdzorg Limburg voor een jaar.