ECLI:NL:RBROE:2009:BI8240
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.M. Schelfhout
- A.W.P. Letschert
- B.W.P.M. Corbey-Smits
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning en ontheffing erfafscheiding wegens onvoldoende belangenafweging
Eiser, wonende naast vergunninghouder, maakte bezwaar tegen de verleende bouwvergunning en ontheffing voor het oprichten van een garage, berging, carport en erfafscheiding. De vergunninghouder had een aanvraag ingediend die op 1 juli 2008 werd geregistreerd, waarna de gemeente bouwvergunning en ontheffing verleende. Eiser voerde onder meer aan dat de aanvraag niet voldeed aan indieningsvereisten, de erfafscheiding mogelijk op zijn perceel stond en de hoogte van de erfafscheiding zijn woongenot negatief beïnvloedde.
De rechtbank oordeelde dat eiser als belanghebbende kon worden ontvangen en dat de aanvraag terecht werd beoordeeld onder de Wet op de ruimtelijke ordening (Wro). Wel werd vastgesteld dat de uniforme openbare voorbereidingsprocedure niet correct was toegepast doordat in de publicatie geen mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen werd vermeld. Dit publicatiegebrek leidde echter niet tot vernietiging van het besluit omdat geen belanghebbende hierdoor werd benadeeld.
Op inhoudelijk vlak verwierp de rechtbank het bezwaar over de indieningsvereisten en de plaatsing van de erfafscheiding op het perceel van vergunninghouder. Wel werd geoordeeld dat de hoogte van de erfafscheiding niet voldoende was meegewogen en dat het besluit daarom vernietigd moest worden wegens schending van de belangenafweging en motiveringsvereisten. De gemeente moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak. Daarnaast moet de gemeente het griffierecht aan eiser vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit wordt vernietigd voor zover het de erfafscheiding betreft, met de verplichting tot een nieuw besluit.