ECLI:NL:RBROE:2009:BJ3941
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th. M. Schelfhout
- A.W.P. Letschert
- C.M.W. Nobis
- Rechtspraak.nl
Vernietiging loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen en gebrekkige advisering bedrijfsarts
De werkgever kreeg van het UWV een loonsanctie opgelegd wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen voor een zieke werknemer. De bedrijfsarts had de belastbaarheid van de werknemer niet adequaat beschreven en verzuimde contact met de behandelende sector, wat volgens de beleidsregels een gegrond verwijt is.
De werkgever stelde dat er geen reële re-integratiekansen waren en dat de bedrijfsarts dit ook zo had beoordeeld. Het UWV handhaafde de sanctie op basis van rapportages van een bezwaarverzekeringsarts die meende dat er wel benutbare mogelijkheden waren. De rechtbank oordeelde dat het UWV onvoldoende onderzoek had gedaan, met name omdat de verzekeringsarts geen contact had gezocht met behandelende artsen en geen functionele mogelijkhedenlijst (FML) had opgesteld.
De rechtbank stelde vast dat de loonsanctie een herstelkarakter heeft en alleen kan worden opgelegd als er nog reële re-integratiekansen zijn. Omdat het UWV zich onvoldoende had vergewist van de medische situatie en de advisering van de bedrijfsarts, werd het besluit vernietigd. Het beroep van de werknemer werd niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen bezwaar had gemaakt tegen het primaire besluit.
De rechtbank veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit op bezwaar moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot loonsanctie wordt vernietigd en het UWV moet een nieuw besluit op bezwaar nemen.