ECLI:NL:RBROE:2010:BN7174
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.J.A. Crompvoets
- M.J.A.G. van Baal
- W.A.H.J. Poppeliers
- Rechtspraak.nl
Officier van justitie niet-ontvankelijk wegens schending beginselen goede procesorde bij fiscale fraudezaak
Verdachte wordt verdacht van het opzettelijk niet juist en onvolledig doen van aangiften inkomsten- en vermogensbelasting over meerdere jaren, door het niet aangeven van buitenlandse bankrekeningen en beleggingen. Het fiscale nadeel werd aanvankelijk ingeschat als categorie I volgens de ATV-richtlijnen 2006, maar bleek achteraf hoger te zijn.
De officier van justitie beriep zich op het aspect van evenwichtige rechtshandhaving om strafrechtelijke vervolging te rechtvaardigen, ondanks dat met het merendeel van de hoofdverdachten onderhandelingen over buitengerechtelijke afdoening werden gevoerd. Deze mogelijkheid werd echter niet aan verdachte geboden, wat de rechtbank in strijd acht met de beginselen van de goede procesorde en het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelt dat de vervolging niet ontvankelijk moet worden verklaard omdat het openbaar ministerie onzorgvuldig en ongelijk heeft gehandeld. De zaak wordt beoordeeld aan de hand van de ATV-richtlijnen 2006 zoals die golden ten tijde van het tripartiet overleg, en niet achteraf aangepast. De rechtbank benadrukt dat het openbaar ministerie discretionair bevoegd is, maar deze bevoegdheid moet zorgvuldig en gelijkwaardig worden uitgeoefend.
De verdachte heeft bovendien ernstige medische problemen waardoor hij niet aanwezig kon zijn bij de terechtzitting. De rechtbank verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging en sluit daarmee strafrechtelijke vervolging in deze zaak uit.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van verdachte wegens schending van het gelijkheidsbeginsel en beginselen van goede procesorde.