ECLI:NL:RBROE:2010:BO8593
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.J.A. Crompvoets
- M.J.A.G. van Baal
- V.P. van Deventer
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit productie amfetamine
De rechtbank Roermond behandelde de ontnemingsprocedure tegen veroordeelde, die eerder veroordeeld was voor medeplegen van productie van amfetamine en cocaïne. Tijdens de zittingen op 5 oktober en 7 december 2010 werd de vordering van het openbaar ministerie gewijzigd tot een bedrag van €1.404.156,60.
De verdediging voerde aan dat niet aannemelijk was dat veroordeelde voordeel had genoten en dat een vermogensvergelijking ontbrak. De rechtbank oordeelde dat het OM een transactieberekening mocht gebruiken en dat het veroordelend vonnis de rol van veroordeelde in de productie vaststelde.
De rechtbank achtte het niet aannemelijk dat veroordeelde substantieel voordeel had genoten uit de productie van cocaïne, gezien zijn ondergeschikte rol en het internationale karakter van de operatie. De vordering inzake cocaïne werd daarom afgewezen.
Voor de productie van amfetamine stelde de rechtbank vast dat veroordeelde de leiding had en het voordeel volledig aan hem toekwam. Op basis van de berekende hoeveelheid geproduceerde amfetamine en de kosten werd het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €449.500.
De rechtbank verwierp het draagkrachtverweer van veroordeelde en legde hem de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen. De vordering voor het overige werd afgewezen.
Uitkomst: Veroordeelde moet €449.500 betalen aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit amfetamineproductie; vordering inzake cocaïne wordt afgewezen.