ECLI:NL:RBROE:2011:BP4831
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot beëindiging strafzaak ex artikel 36 Sv niet-ontvankelijk wegens ontbreken belang
Verzoeker heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 36 van Pro het Wetboek van Strafvordering om de strafzaak tegen hem te beëindigen. De officier van justitie had de zaak reeds geseponeerd, waardoor deze feitelijk was geëindigd. De rechtbank heeft onderzocht of verzoeker ontvankelijk was in zijn verzoek, waarbij het belang van verzoeker centraal stond.
De rechtbank overwoog dat een verzoek ex artikel 36 Sv Pro alleen ontvankelijk kan zijn indien er belanghebbenden zijn die mogelijk een beklag ex artikel 12 Sv Pro kunnen indienen en die dit ook overwegen. In deze zaak was er een belanghebbende, de woningstichting Venlo-Blerick, maar deze was niet opgeroepen en had eerder aangegeven dat de woning binnen twee weken zou worden gesloopt. De rechtbank achtte het daarom onwaarschijnlijk dat er nog een beklagprocedure zou worden gestart.
De raadsman van verzoeker stelde dat het belang van verzoeker lag in het voorkomen dat belanghebbenden nog beklag konden doen. De officier van justitie stelde dat de zaak reeds was geëindigd door het sepot. De rechtbank volgde de lijn dat een sepotmededeling een zaak doet eindigen en dat het verzoek daarom niet-ontvankelijk was, omdat verzoeker geen belang had.
De rechtbank concludeerde dat hoewel artikel 36 Sv Pro ook oog heeft voor de onzekerheid zolang niet duidelijk is of belanghebbenden beklag doen, in dit geval geen rechtens te respecteren belang aanwezig was. Daarom werd het verzoek van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek ex artikel 36 Sv wegens ontbreken van belang.