ECLI:NL:RBROE:2011:BV0460
Rechtbank Roermond
- Wraking
- L.J.A. Crompvoets
- J.M.P. Drijkoningen
- F.H. Machiels
- Rechtspraak.nl
Wraking politierechter wegens schijn van vooringenomenheid bij getuigenverhoor
De zaak betreft een wrakingsverzoek van de advocaat van de verdachte tegen de politierechter in een strafzaak wegens belediging van politieambtenaren. Tijdens de terechtzitting op 5 oktober 2011 werden twee van vijf verbalisanten als getuigen gehoord, waarvan hun verklaringen op essentiële punten van elkaar afweken. De politierechter wees het verzoek om de overige drie verbalisanten te horen af, met de motivering dat het verdedigingsbelang niet werd geschaad.
De advocaat voerde aan dat de politierechter te vroeg een oordeel had gevormd over de verklaringen van de overige getuigen en dat hem niet voldoende gelegenheid was gegeven om zijn verzoek nader toe te lichten. De rechtbank oordeelde dat hoewel de politierechter de advocaat alsnog gelegenheid had gegeven tot toelichting, de formulering van de politierechter bij de afwijzing van het verzoek de schijn wekte dat hij reeds vooruitliep op de inhoud en waarde van de verklaringen van de overige getuigen.
Deze gedraging wekte bij de verdachte een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid, ongeacht of die schijn positief of negatief voor de verdachte was. De rechtbank concludeerde dat het wrakingsverzoek gegrond was en wees het verzoek toe, waarbij werd benadrukt dat wraking niet bedoeld is als middel om procesrechtelijke beslissingen aan te vechten, maar dat in dit geval de schijn van partijdigheid voldoende was om de politierechter te wraken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de politierechter is gegrond verklaard wegens een gerechtvaardigde schijn van vooringenomenheid.