ECLI:NL:RBROT:1999:AF0434
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.B.H.M. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens roekeloosheid bij schuldenopbouw
Verzoeker, een kleuteronderwijzer met een onzeker dienstverband en een netto inkomen van circa fl. 3.000 per maand, heeft aanzienlijke schulden opgebouwd. Deze bestaan uit een studieschuld van ruim fl. 50.000 bij de Informatie Beheer Groep die niet is afgelost, en een persoonlijke lening van fl. 70.000 bij ABN-AMRO bank, waarvan een deel is besteed aan een vakantie, woninginrichting en een betaling aan zijn ex-echtgenote. Daarnaast heeft verzoeker nog tientallen andere schulden ter hoogte van ongeveer fl. 37.000 onbetaald gelaten.
Hoewel verzoeker persoonlijke en gezinsproblemen aanvoert als oorzaak van zijn schulden, oordeelt de rechtbank dat hij op een te grote voet heeft geleefd en had moeten begrijpen dat hij zijn schulden niet kon aflossen. Dit handelen wordt als roekeloos en niet te goeder trouw bestempeld.
Op grond hiervan wijst de rechtbank het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af. De uitspraak is gedaan tijdens een openbare terechtzitting op 15 september 1999 door de enkelvoudige kamer van de Rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: Verzoek tot schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens roekeloosheid en niet te goeder trouw handelen bij schuldenopbouw.