ECLI:NL:RBROT:1999:AF0443

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
22 september 1999
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
99/527 EA
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • Van Thiel
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet ontvankelijk verklaring verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet verifieerbare identiteit

Verzoekster, die stelt vijf jaar in Nederland te verblijven, heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Tijdens de zitting bleek dat verzoekster geen documenten bezit om haar identiteit te bewijzen en niet is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie. De Vreemdelingendienst onderzoekt haar identiteit.

De rechtbank oordeelt dat verzoekster niet ontvankelijk is omdat zij niet kan aantonen wie zij is, waardoor de rechtbank geen oordeel kan vormen over haar financiële situatie en het al dan niet ophouden met betalen van schulden.

Daarnaast overweegt de rechtbank dat, zelfs als verzoekster ontvankelijk zou zijn geweest, het verzoek afgewezen zou worden omdat ter zitting is gebleken dat zij geen schulden heeft en dus niet in de toestand verkeert waarvoor de regeling bedoeld is.

Uitkomst: Verzoekster wordt niet ontvankelijk verklaard wegens niet verifieerbare identiteit en gebrek aan schulden.

Uitspraak

Arrondissementsrechtbank te Rotterdam
Enkelvoudige kamer
de vreemdeling zich noemende X.,
die stelt woonachtig te zijn te P.,
verzoekster,
heeft een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Verzoekster is gehoord ter zitting van 22 september 1999.
Uit de stukken en het verhandelde ter zitting, waaronder de verklaring van verzoekster zelf, is het volgende gebleken.
Verzoekster stelt reeds vijf jaar hier te lande te verblijven. Verzoekster is niet het bezit van enig document waarmee zij haar identiteit kan aantonen. De Vreemdelingendienst doet thans onderzoek naar de identiteit van verzoekster. Verzoekster staat niet ingeschreven in de Gemeentelijke basisadministratie en stelt samen te wonen met Y. te Q.
De rechtbank komt tot het oordeel dat verzoekster niet ontvankelijk verklaard dient te worden in haar verzoek. Verzoekster is immers niet in staat aan te tonen dat zij is. Het is de rechtbank daardoor niet mogelijk een oordeel te vormen over de vraag of verkeert in de toestand van te hebben opgehouden te betalen, danwel redelijkerwijs kan voorzien dat zij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van haar schulden.
Ten overvloede wordt overwogen dat, indien en voor zover verzoekster wel ontvankelijk zou zijn geweest in haar verzoek, dit verzoek afgewezen had dienen te worden, nu ter zitting is gebleken dat verzoekster geen schulden heeft en derhalve niet in de toestand verkeert dat zij heeft opgehouden te betalen, danwel redelijkerwijs voorziet dat zij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van haar schulden.
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart verzoekster niet ontvankelijk in haar verzoek;
Gewezen door mr Van Thiel, lid van genoemde kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 september 1999 in tegenwoordigheid van de griffier.