ECLI:NL:RBROT:2000:AA5341
Rechtbank Rotterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering tot rectificatie wegens onvoldoende specificatie onjuistheden in persartikel
Eiser vorderde in kort geding dat NRC Handelsblad een rectificatie publiceert van een artikel waarin hij werd beschuldigd van betrokkenheid bij drugshandel en het verdienen van honderden miljoenen guldens. Het artikel baseerde zich op een ambtsbericht van de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) uit 1997. Eiser stelde dat het artikel onrechtmatig was door onjuiste en misleidende informatie, schending van hoor en wederhoor en onvoldoende onderzoek door gedaagde.
Gedaagde verweerde zich met onder meer het argument dat eiser zijn vordering onvoldoende had gespecificeerd, waardoor niet duidelijk was welke beweringen onjuist waren en hoe rectificatie vorm moest krijgen. De rechtbank oordeelde dat het artikel geen onjuiste gegevens bevatte omdat het vrijwel letterlijk de bron citeerde en dat het ontbreken van een mededeling over de betrouwbaarheid van de informatie niet tot misleiding leidde.
De rechtbank stelde dat eiser, die het ambtsbericht al in bezit had, zijn vordering tijdig en voldoende had moeten specificeren om gedaagde de mogelijkheid tot verweer te geven. Dit was niet gebeurd, waardoor eiser niet-ontvankelijk werd verklaard. Tevens werd eiser veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering tot rectificatie en veroordeeld in de proceskosten.