ECLI:NL:RBROT:2000:AA7780
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Pauw Gerlings-Döhrn
- Foy
- Van Driel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor poging zware mishandeling en mishandeling met voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf
De rechtbank Rotterdam heeft verdachte veroordeeld voor poging tot zware mishandeling en mishandeling gepleegd op zijn (ex-)vriendin. De bewezenverklaring betreft twee pogingen tot zware mishandeling en meervoudige mishandeling, waarbij verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat zwaar letsel zou ontstaan.
De rechtbank verwierp het verweer van de verdediging dat sprake zou zijn van niet-ontvankelijkheid wegens detournement de pouvoir en onrechtmatig bewijs, omdat de aangifte weloverwogen en doordacht was gedaan zonder druk of misleiding. Verdachte werd vrijgesproken van de primair ten laste gelegde feiten.
Gezien de ernst van de feiten, de persoonlijke omstandigheden van verdachte waaronder een borderline persoonlijkheidsstoornis, en het feit dat verdachte in een proeftijd liep voor soortgelijke feiten, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 5 maanden op waarvan een deel voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Daarbij werden bijzondere voorwaarden opgelegd waaronder ambulante psychotherapeutische behandeling en reclasseringscontact.
De rechtbank gelastte tevens de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden, waarbij deze werd omgezet in een werkstraf van 100 uur. Ook de opgelegde gevangenisstraf werd deels vervangen door een werkstraf van 210 uur, met verrekening van voorarrest. De verdachte werd onmiddellijk in vrijheid gesteld.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 5 maanden gevangenisstraf waarvan een deel voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden en werkstraffen ter vervanging van onvoorwaardelijke gevangenisstraffen.