ECLI:NL:RBROT:2001:AB0563
Rechtbank Rotterdam
- Hoger beroep
- A.C.M.P. van Breukelen-van Aarnhem
- J.A.M. de Wit
- J.J. van de Berg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep tegen bevel tot bloedafname voor DNA-onderzoek na gewapende overval
De verdachte is betrokken bij een onderzoek naar een gewapende overval op 14 april 2000 in een woning te Vlaardingen waarbij is geschoten. Tijdens het onderzoek zijn goederen in beslag genomen, waaronder een bivakmuts en een sigarettenpeuk, waarop DNA-sporen zijn aangetroffen die niet van de slachtoffers afkomstig zijn.
De verdachte werd aangehouden, in bewaring gesteld en gevangen gehouden. De gevangenhouding werd op 4 juli 2000 beëindigd wegens onvoldoende ernstige bezwaren. Later, op 15 januari 2001, vorderde de Officier van Justitie bloedafname voor DNA-onderzoek van verdachte, wat door de rechter-commissaris werd toegestaan.
De raadsman van verdachte stelde dat er geen ernstige bezwaren meer bestonden, verwijzend naar de eerdere beslissing tot beëindiging van de gevangenhouding. De rechtbank oordeelde echter dat de aanwijzingen tegen verdachte nog steeds ernstig zijn en dat het DNA-onderzoek dringend noodzakelijk is om de waarheid aan het licht te brengen.
De rechtbank concludeerde dat de inbreuk op de rechten van verdachte door de bloedafname gerechtvaardigd is gezien de zwaarte van de verdenking en de eenvoud van de ingreep. Het hoger beroep tegen het bevel tot bloedafname wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het bevel tot bloedafname voor DNA-onderzoek wordt afgewezen en het bevel bevestigd.