ECLI:NL:RBROT:2001:AB3088
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Th.G.M. Simons
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek voorlopige voorziening inzake tariefdoorgifte programma's via kabelnetwerk
Canal+ B.V. heeft bezwaar gemaakt tegen een bindende aanwijzing van de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA) inzake het tarief voor de doorgifte van programma's via het omroepnetwerk van Kabeltelevisie Amsterdam B.V. (KTA). Tevens heeft Canal+ een verzoek om voorlopige voorziening ingediend bij de rechtbank Rotterdam, hangende het bezwaar tegen het bestreden besluit.
De rechtbank overweegt dat formeel aan het connexiteitsvereiste van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is voldaan, omdat het verzoek om voorlopige voorziening is gedaan tijdens de bezwaarprocedure. Materieel gezien moet de gevorderde voorziening echter betrekking hebben op het bestreden besluit zelf. In dit geval richt het verzoek zich op interventie in de bezwaarprocedure, zoals het horen van getuigen en het uitvoeren van een contra-expertise, en niet op het besluit.
De rechtbank concludeert dat het verzoek om voorlopige voorziening daarom niet-ontvankelijk is. De president wijst erop dat tegen een eventuele afwijzing van verzoeken binnen de bezwaarprocedure geen afzonderlijk bezwaar of beroep mogelijk is. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten en verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet ziet op het bestreden besluit.