ECLI:NL:RBROT:2001:AD4034
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Riphagen
- R. Kruisdijk
- M.J.L. Lamers-Wilbers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit kinderbijslag en veroordeling in kosten DNA-onderzoek
Eiser werd door verweerder medegedeeld dat hij geen recht had op kinderbijslag voor de kinderen V, W, X en Y en dat teveel betaalde kinderbijslag werd teruggevorderd. Eiser maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit besluit. Tijdens de procedure werd DNA-onderzoek uitgevoerd om de afstammingsrelatie van de kinderen met de echtgenote van eiser aan te tonen.
De DNA-rapportages toonden aan dat mevrouw C met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de moeder is van de kinderen V, X en Y, waardoor verweerder het besluit ten aanzien van deze kinderen niet langer handhaafde. Ten aanzien van kind W kon eiser geen bewijs leveren en werd het besluit gehandhaafd. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege rechtszekerheid en bepaalde dat verweerder een nieuw terugvorderingsbesluit moet nemen voor kind W.
Daarnaast werd de vraag behandeld of verweerder moest worden veroordeeld in de kosten van het DNA-onderzoek. De rechtbank oordeelde dat eiser in bewijsnood verkeerde en dat bijzondere omstandigheden aanwezig waren om verweerder te veroordelen tot vergoeding van deze kosten, ondanks dat het niet aan verweerder te wijten was. Tevens werden proceskosten voor juridische bijstand aan eiser toegewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit, en veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierecht, proceskosten en DNA-onderzoekskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld in de kosten van het DNA-onderzoek en proceskosten.