ECLI:NL:RBROT:2001:AD8037
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. F. van der Lugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering bouwvergunning dakopbouw wegens onzorgvuldige advisering
Eiser vroeg op 22 mei 2000 een bouwvergunning aan voor een dakopbouw aan zijn woning. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Barendrecht, weigerde de vergunning op 2 augustus 2000. Na een ongegrond verklaard bezwaar startte eiser op 4 januari 2001 beroep bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit onzorgvuldig tot stand was gekomen omdat het was gebaseerd op het advies van een gemandateerd lid van de welstandscommissie en niet van de voltallige commissie zelf. Dit was in strijd met artikel 48, eerste lid, van de Woningwet en artikel 3:9 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Daarnaast was het advies in strijd met de Model-bouwverordening 1992.
Hoewel verweerder stelde dat het bouwwerk in strijd was met het bestemmingsplan en de welstandseisen, kon de rechtbank geen binnenplanse vrijstelling toestaan vanwege de breedte van de dakopbouw. De rechtbank vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit tot weigering van de bouwvergunning in stand. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de bouwvergunning wordt vernietigd wegens onzorgvuldige advisering, maar de weigering blijft in stand.